Schoolgids

Een bijzondere school…:

De Plesmanschool valt onder het bijzonder onderwijs. Dit wil zeggen dat wij een school zijn met waarden en normen die corresponderen met de katholieke traditie. Bij ons gaat het over de mens (het kind), die zich ontplooit door en met andere mensen. Mens-zijn (kind-zijn) is altijd medemens-zijn. Hierin dienen wij verantwoordelijkheid te nemen en naastenliefde te betrachten.

Bijzonder zijn wij ook in ons omgaan met de kinderen en elkaar. Wij geven de kinderen een fijne schooltijd, waarin ze naast heel veel bruikbare leerstof ook leren omgaan met elkaar en respect tonen voor de medemens.

We zijn ook bijzonder in ons onderwijs. In het kort komt het erop neer dat wij vanuit een overwegend klassikale les- en leersituatie de kinderen kwalitatief hoogstaand en modern onderwijs bieden. Daarbij houden we rekening met ieders capaciteiten en mogelijkheden.

In ons schoolplan hebben wij de kern- en einddoelen van onze school beschreven. Wij willen met onze kinderen deze doelen bereiken. Voor ieder leerjaar zijn streefdoelen geformuleerd voor die specifieke groep. Iedere leerkracht probeert die streefdoelen zo goed mogelijk te realiseren.

Door middel van proefwerken en toetsen controleren we of de leerlingen de stof beheersen. Ook gebruiken wij landelijk genormeerde toetsen om te controleren of de kinderen ten opzichte van deze norm goede of minder goede resultaten behalen. Wij doen dit door middel van het CITO-Leerlingvolgsysteem. Ook neemt de school de CITO-Eindtoets af. De school presteert boven gemiddeld op deze landelijke toets.

Sommige kinderen hebben om wat voor reden dan ook een achterstand of een voorsprong op andere kinderen. Deze kinderen kunnen, tijdens of na de normale leerstof, een aangepast programma krijgen, toegesneden op hun eigen situatie.

Niet ieder kind zal kans zien de streefdoelen te halen. Wij streven er wel naar het maximaal bereikbare resultaat te behalen. Kinderen die deze doelen niet halen of voorbij streven vallen onder de paraplu van de zorgverbreding, waarover u meer leest in hoofdstuk 6.2 en 6.3.

Niet alleen in het leren willen wij ons onderscheiden van een andere school. Ook in de omgang met de kinderen en met elkaar hopen wij dat bijzondere waar te maken: Aandacht hebben voor elkaar, opkomen voor elkaar, elkaar helpen zijn in de meeste gevallen dagelijkse gebeurtenissen.

Wij willen de situatie niet mooier maken dan hij is; ook bij ons op school worden kinderen gepest of komen kinderen niet altijd aan hun trekken. Maar wij proberen er wel samen wat aan te doen. De Kanjertraining is een methode voor sociaal-emotionele ontwikkeling. (Zie www.kanjertraining.nl) Via deze methode leren de kinderen om met hun eigen en andermans gevoelens om te gaan, begrip te hebben voor elkaar en vooral te stoppen met pesten of leren stoppen met slachtoffer zijn. Er zijn lessen voor alle groepen. Één keer per jaar kunnen de ouders een “kanjerles” bijwonen.

Ook tijdens de lessen “Identiteit” wordt daar middels de bijbel en methode Hemel en Aarde aandacht aan besteed. Jezus deed het anders en probeerde de mensen bewust te maken van het grote begrip “naastenliefde”.

 

Wij willen onze kinderen bewust maken van hun plaats in deze wereld. Maak gebruik van je talenten, je capaciteiten, maar houd altijd rekening met elkaar.

 

…en dat is het!

 

1 Een opmerking vooraf...

De gids is een welkom aan ouders die voor hun kind een basisschool zoeken. Wij hopen dat de informatie u kan helpen bij het kiezen van een goede basisschool voor uw kind(eren).

Om de kosten voor het maken van de Schoolgids en het Plesmanjournaal zo laag mogelijk te houden, heeft de school een aantal sponsors. Voor dit schooljaar zijn dat: Service station Morsch, Automobielbedrijf Brockhoff, Dansschool Ponne, pedicure Reina van der Laan, schildersbedrijf van der Liet en zwemvereniging de Waterwolf.

 

Tenslotte willen wij alle ouders, collegae en sponsors hartelijk danken voor hun medewerking aan het tot stand komen van deze schoolgids.

 

De schoolgids kunt u vinden op onze website : www.plesmanschool.nl

 

W. Elsnerus,

Schoolleiding

2 Ter introductie

De Dr. Plesmanschool staat in de Haarlemmermeerpolder in Badhoevedorp. De luchthaven Schiphol is met de KLM als onze (voormalige) nationale luchtvaartmaatschappij voor de school bepalend geweest bij de naamgeving.

Dr. Albert Plesman ( 1889-1953 ) was de oprichter en president- directeur van de KLM. Door zijn enorme werklust en doorzettingsvermogen heeft hij een belangrijke bijdrage geleverd aan de groei van Nederland. Voor de school zou hij een aardige metafoor kunnen zijn. Immers onze kinderen maken, van 4 jaar als ze op school komen tot 12 jaar als ze weer door gaan leren op het Voortgezet onderwijs, een enorme ontwikkeling door. Op de voorzijde van deze gids kunt u het begin zien van een spannend avontuur. De kinderen stappen vol verwachting het vliegtuig in en gaan een prachtige reis maken.

Op deze plaats wensen wij alle kinderen een goede reis toe en een behouden landing!

3 De school

 

 

 

 

Dr. Plesmanschool

Papegaaistraat 4

1171TK Badhoevedorp

020-449.0761

Dr.Plesmanschool@planet.nl

www.Plesmanschool.nl

 

3.1 Situering van de school

De Dr.Plesmanschool ligt westelijk van de A-9. Deze snelweg krijgt binnen afzienbare tijd een traject om Badhoevedorp heen. In de omgeving van de school zal daardoor veel nieuwbouw komen.

Ons stenen gebouw dateert van 1975. De aanbouw is van 1995. In het schooljaar 2010-2011 is er op het stenen gebouw een etage met 6 lokalen, een ICT/vergaderruimte, een directiekamer en een aantal spreekkamers geplaatst. Daarnaast zijn er op de begane grond een aantal aanpassingen gedaan. Zo is er bijvoorbeeld een handenarbeidlokaal gemaakt. Daarnaast zijn rond de school zijn enkele speelplaatsen, die na de verbouwing opnieuw zijn ingericht, waar bij toerbeurt gespeeld wordt.

Indien u de kinderen met de auto brengt,  kunt u heel goed parkeren onder het viaduct van de A9. Wij willen u dringend verzoeken om zo te parkeren dat de buurtbewoners daar geen overlast van hebben en dat de leerlingen veilig op de fiets of lopend naar school kunnen gaan.

In de directe omgeving bevinden zich de katholieke kerk, “Ons Tweede Huis”, “De Zevensprong”, een kinderdagverblijf en de voor- en naschoolse opvang van “b4kids” en “Klein Duimpje”. Formulieren voor aanmelding van de BSOs zijn op school verkrijgbaar.

3.2 Teamsamenstelling en groepsverdeling

Formatieverdeling schooljaar 2011-2012

 

Directie:                      Dhr W. Elsnerus (4 dagen)

1-2 A                          Juf Marion Kamperman (3 dagen) 
                                   
                                   Juf Wanda Hildebrand (2)

1-2 B                          Juf Ineke Buskermolen  (4)

                                   Juf Ineke Wolkers (1)

1-2 C                          Juf Ria Streng (4)  

                                  Juf Wanda Hildebrand (1)

1-2 D                          Juf Kamla Roopram (4)

                                   Juf Ingrid v.d. Jagt (1)

3A                              Juf Jolanda van der Star

3B                               Juf Femke Berkhout(3) 

                                  Juf Marion  Lokkerbol (2)                            

4 A                             Juf Annemieke v. Maanen (3)

                                   Juf Lieneke Blom (2)

4B                               Meester Marcel Schoffelen (4)

                                   Juf Ineke Wolkers (1)

5A                              Juf Anneke Janssen (4)  

                                   Juf Marion  Lokkerbol (1)

6A                              Mevr. A. Cohen Paraira (2)

                                  Dhr. R. Sloof (3)

5/6B                            Dhr. J. Wertenbroek  (4)

                                   Mevr. M. Lubbers (1)

7A                              Dhr. P. van Arnhem

7B                               Dhr. N. Janssen (4)

                                   Mevr. M. Lubbers (1)

8A                              Mevr. L. Duijts (4)

                                   Dhr. W.Elsnerus (1)

                                     

IB                               Dhr. P. Derks (2)

                                   Juf Elly Elst (3)

Gym                           Juf Els Meijer (3)

RT                              Juf Ingrid van der Jagt (3)

Ondersteuning ICT:   Dhr. F. Uffink

 

Contactpersonen:       Mevrouw F. Berkhout

                                    Mevrouw M. Kamperman

Begeleiding godsdienst en levensbeschouwing:

                                   Mevrouw H. Brouwer

Administratie:            Mevrouw P. Bijlhout

Eindcoördinator TSO:Mevrouw I. Beijers

Coördinatoren TSO:   Mevrouw E. Roest 

                                   Mevrouw G. Mesman

                                    Mevrouw M. Kuyl

 

3.3 Welke mensen werken er op school?

 

3.3.1    De directie

De directie op de Dr. Plesmanschool bestaat uit Willem Elsnerus. Hij is vier (4) dagen ambulant (= geeft geen les) en staat één dag voor de groep.

Dhr. Willem Elsnerus is aanwezig van maandag t/m donderdag. Op vrijdag is altijd minstens één lid van het MT op school aanwezig.

Indien u de directie wilt spreken of u wilt graag een rondleiding hebben, dan kunt u een afspraak maken via onze administratie.

3.3.2    Het managementteam (MT)

Ter ondersteuning van de directie is er een Management Team (MY). In het MT hebben 3 of 4 leerkrachten zitting (uit onder-, midden- en bovenbouw) en de directie. Iedere 3 à 4 weken bespreken zij samen het beleid, bereiden beleidszaken voor en dragen zorg voor de goede gang van zaken op onze school.

De leerkrachten van het MT staan allemaal voor de groep.

3.3.3    Het zorgteam

Het zorgteam bestaat uit de interne begeleiders P. Derks en mw. E. Elst

Taken van het zorgteam zijn o.a.:

  • testen van leerlingen

  • observeren van leerlingen
  • (groeps)handelingsplannen maken
  • (groeps)handelingsplannen (doen) uitvoeren
  • gesprekken voeren met leerkrachten en ouders
  • voorbereiden en voorzitten van de leerling-bespreking

(zie ook hoofdstuk 5.2.1.)

3.3.4    De identiteitsmedewerker

De groepsleerkrachten geven in de groep lessen identiteit met behulp van de methode “Hemel en aarde”. Ieder jaar overlegt de werkgroep Identiteit met de identiteitsbegeleider Mw. H. Brouwer over het jaarprogramma. Tevens begeleidt zij het team bij de projecten, geeft goede suggesties en worden de reeds gegeven projecten geëvalueerd.

3.3.5    Onderwijs Ondersteunend personeel

3.3.5.1 De administratief medewerker

De school heeft ook een administratief medewerker: mevrouw P. Bijlhout. Zij heeft tot taak het bijhouden van de administratie o.m. de ziekmeldingen, het beantwoorden van de telefoon, het ontvangen van gasten, etc. Tevens is zij belast met conciërgetaken. Mw. Bijlhout regelt ook de dagelijkse gang van zaken rond de TSO.

3.3.5.2 De onderwijsassistent

Bij ons op school werkt een onderwijsassistent: mevrouw I. v.d. Jagt. Zij ondersteunt de leerkrachten van groep 1 tot en met 8. Zij helpt binnen en buiten de groep onder verantwoordelijkheid van de groepsleerkracht met het begeleiden van groepjes leerlingen en/of individuele leerlingen. Ook werkt mevrouw I. v.d. Jagt als vervanger van een leerkracht met verlof.

3.3.5.3 Ondersteuning ICT/systeembeheerder

De heer F. Uffink werkt op woensdag bij ons op school. Hij onderhoudt het netwerk op het hoofdgebouw en geeft ondersteuning aan de leerkrachten als er problemen zijn met de apparatuur. Dhr. Uffink heeft geen bevoegdheid om les te geven aan kinderen en zal daar (ook op computergebied) niet voor worden ingezet.

3.3.6    De logopediste

Vanuit de School Begeleidingsdienst (S.B.D. “Drielanden”.) hebben we de beschikking over een logopediste, mevrouw Elske den Hertog.

Mevrouw den Hertog test en onderzoekt begin groep 2 de kinderen op taal en spraakproblemen; zij doet onderzoek op verzoek van leerkrachten en ouders (via de leerkracht); zij bespreekt de taal- of spraakproblemen met ouders en/of leerkrachten en onderhoudt contacten met de logopedisten uit het dorp, want de behandeling van spraak- en taalproblemen wordt door hen uitgevoerd.

3.3.7    De groepsleerkrachten

De groepsleerkracht werkt in de groep en besteedt de meeste tijd aan het lesgeven aan de kinderen, het corrigeren en voorbereiden van het werk, het bespreken van het werk en de ontwikkeling van de kinderen. Uiteraard onderhoudt hij/zij ook het contact met de ouders/ verzorgers. Daarnaast zijn er natuurlijk de professionele werkgerichte overleggen met de diverse collega`s.

Soms zijn zij afwezig wegens verlof. Een vaste collega (zie lijst 3.2.) vervangt dan de groepsleerkracht (zie ook hoofdstuk 7).


begrijpend lezen

3.4 Het Schoolbestuur

De Amsterdamse Stichtingen voor Katholiek onderwijs kortweg ASKO geheten vormt het schoolbestuur van onze school. De ASKO ondersteunt de school bij het uitvoeren van haar wettelijke taak. Onze regiomanager is dhr. J.W. van Schendel.

Adres: Kalfjeslaan 380
1081 JA Amsterdam
T020-3013888
F020-3013860
Postadres:
Postbus 87591
1080 JN Amsterdam

www.askobk.nl

4 Waar de school voor staat

4.1 Uitgangspunten en visie

Wij zijn een bijzondere school, hetgeen wil zeggen dat wij een school zijn met waarden en normen die corresponderen met de katholieke traditie. Hier gaat het over de mens ( het kind), die zich ontplooit door en met andere mensen. Mens- zijn ( kind- zijn) is altijd medemens- zijn. Hierin dienen wij verantwoordelijkheid te nemen en naastenliefde te betrachten. (NKSR, 2006)

Bijzonder willen we ook zijn in ons omgaan met de kinderen en elkaar. Wij willen de kinderen een fijne schooltijd geven, waar ze naast heel veel bruikbare leerstof ook hebben leren omgaan met elkaar en respect tonen voor de medemens.

We zijn ook bijzonder in ons onderwijs. In het kort komt het erop neer dat wij vanuit een overwegend klassikale les- en leersituatie de kinderen kwalitatief hoogstaand en modern onderwijs bieden. Daarbij houden we rekening met ieders capaciteiten en mogelijkheden.

In de eerste twee groepen ligt het accent op het leren ontdekken, spelend verkennen en onderzoeken, het leren van veel basisvaardigheden, de sociaal-emotionele ontwikkeling en de motorische ontwikkeling. De beginnende geletterdheid van kinderen wordt dagelijks gestimuleerd.

Vanaf groep 3 wordt het accent meer gelegd op de cognitieve ontwikkeling.

Naast het “leren” wordt er ook aandacht besteed aan expressie, beweging, spel, drama, samenwerken en samenspelen.

In ons schoolplan hebben wij de kern- en einddoelen van onze school beschreven. Wij willen met onze kinderen deze doelen bereiken. Voor ieder leerjaar zijn streefdoelen geformuleerd voor die specifieke groep. Iedere leerkracht probeert die streefdoelen zo goed mogelijk te realiseren.

Middels proefwerken en toetsen controleren we of de leerlingen de stof beheersen. Ook gebruiken wij landelijk genormeerde toetsen om te controleren of de kinderen ten opzichte van deze norm goede of minder goede resultaten behalen. Wij doen dit door middel van het CITO- Leerlingvolgsysteem. ( zie verder hoofdstuk 6.2)

Sommige kinderen hebben om wat voor reden dan ook een achterstand of een voorsprong op andere kinderen. Deze kinderen kunnen, tijdens of na de normale leerstof, een aangepast programma krijgen, toegesneden op hun eigen situatie.

Niet ieder kind zal kans zien de streefdoelen te halen. Wij streven er wel naar het maximaal bereikbare resultaat te behalen. Kinderen die deze doelen niet halen of voorbij streven vallen onder de paraplu van de zorgverbreding, waarover u meer leest in hoofdstuk 6.2 en 6.3.

Wij hebben ook te maken met afspraken die gemaakt zijn binnen het kader van Weer Samen Naar School (WSNS).

Een van de doelstellingen van WSNS is steeds meer kinderen, die wegens gedrags- en/of leerproblemen naar het speciaal onderwijs zouden moeten gaan, op de basisschool te houden. In voorkomende gevallen kunnen kinderen met leer- en/ of ontwikkelingsachterstanden een zgn. rugzakje krijgen. Hierdoor is de school beter in staat om deze leerlingen in hun ontwikkeling te begeleiden. Het rugzakje bestaat meestal uit een geldbedrag voor personele inzet (RT, IB of onderwijsassistent) en geld om speciale leermiddelen aan te schaffen. De aanvraag geschiedt in overleg tussen ouders/ verzorgers en de school.

 


handvaardigheidles

4.2 Het klimaat van de school

Hierboven hebben wij geschreven dat wij een bijzondere school zijn. Niet alleen in het leren willen wij ons onderscheiden van een andere school. Ook in de omgang met de kinderen en met elkaar hopen wij dat bijzondere waar te maken.

Aandacht hebben voor elkaar, opkomen voor elkaar, elkaar helpen zijn in de meeste gevallen dagelijkse gebeurtenissen.

Wij willen de situatie niet mooier maken dan hij is. Ook bij ons op school worden kinderen gepest, komen kinderen niet altijd aan hun trekken. Daar zijn wij eerlijk in. Maar wij proberen er wel wat met elkaar aan te doen. Wij gebruiken hiervoor de Kanjertraining, een methode voor sociaal- emotionele ontwikkeling. (Zie www.kanjertraining.nl ). Kinderen leren om met hun eigen en andermans gevoelens om te gaan, begrip te hebben voor elkaar en vooral te stoppen met pesten of leren stoppen met slachtoffer zijn. Er zijn lessen voor alle groepen. Ook tijdens de lessen Identiteit wordt daar o.m. middels de bijbel aandacht aan besteed. Een citaat uit de les:

“Wat moet je doen om gelukkig te worden? Wat is dat eigenlijk: ‘geluk’? Is dat voor iedereen hetzelfde? Kun je iemand anders gelukkig maken? En wat is het verschil tussen ‘geluk hebben’ en ‘gelukkig zijn’?”

Hemel en Aarde (een methode godsdienst/levensbeschouwing), probeert daar op een sprankelende, verrassende en inspirerende manier antwoord op te geven.

Vorming en ontwikkeling van kinderen worden in belangrijke mate bevorderd door processen van identificatie en nabootsing. Iconen, helden en heiligen zijn goede voorbeelden voor burgerschapsvorming . (NKSR, 2006).

  


Boeken zoeken

5 De organisatie van het onderwijs

5.1 De organisatie van de school

5. De organisatie van het onderwijs  

5.1    De organisatie van de school

5.1.1    Algemeen

De groepen 1-2 bestaan uit kinderen van verschillende leeftijden, t.w. 4-, 5- en 6-jarigen. Wij noemen dat heterogene groepen. Vanaf groep 3 zitten kinderen van één leerjaar bij elkaar, hetgeen we homogene groepen noemen.

De vorming van een combinatieklas behoort tot de mogelijkheden die de Plesmanschool gebruikt in de samenstelling van de formatie. Een combinatieklas omvat meestal maximaal twee leerjaren bijv. : leerjaar 4 en 5. In principe blijft een combinatieklas meerdere jaren bestaan. Er zijn twee hoofdredenen om een combinatiegroep te formeren:

  • Het aantal leerlingen in de leerjaren
  • Het aantal groepsleraren dat de school heeft

De leerlingen die in de combinatieklas komen, worden ingedeeld door de groepsleerkracht in overleg met de Interne begeleider en de directie.

Enkele criteria zijn :

  • Zelfstandigheid
  • Vriendje / vriendinnetje
  • Evenwichtige verdeling van de groep

Elke groep heeft zijn eigen groepsleerkracht, soms twee wanneer er sprake is van parttime leerkrachten.

We spreken in de school over onder- en bovenbouw. De onderbouw betreft de groepen 1 t/m 3, de bovenbouw de groepen 4 t/m 8. Soms spreken we ook wel eens van 3 bouwen. De middenbouw bestaat dan uit de groepen 3, 4 en 5. Regelmatig hebben de leerkrachten van een bouw overleg met elkaar. We noemen dat een bouwvergadering.

Daarnaast hebben we nog regelmatig overleg met het gehele team in de teamvergadering. Hierin worden algemene zaken besproken, evenementen gepland, afspraken met elkaar gemaakt over roosters, speelplaats.

5.1.2    Groepsgrootte

De formatie (=aantal leerkrachten) van een school wordt bepaald door het aantal leerlingen dat de school bezoekt.

De gemiddelde groepsgrootte voor de hele school bedraagt 25 leerlingen. In werkelijkheid kunnen er minder of meer kinderen in een groep geplaatst worden. De school streeft ernaar om het aantal leerlingen per groep te beperken tot 30. In een enkel geval kan dat aantal hoger zijn.

5.1.3.   Ruimten

De school bestaat uit een hoofdgebouw met 16 groepslokalen, een administratieve ruimte, een speellokaal, een teamkamer, een directieruimte, vijf RT/IB spreekkamers en een handenarbeidlokaal. De spreekkamer wordt gebruikt door de logopediste, de interne begeleider, de schoolartsassistente, door leerkrachten voor gesprekken met ouders en besprekingen.

De directie heeft zijn werkplek in de directiekamer, de administratie van de school is op de begane grond rechts van de hoofdingang.

Voor grote evenementen kunnen we uitwijken naar de gymzaal.

5.1.5    Handvaardigheid

Handvaardigheid en textiele werkvormen hebben bij de Dr. Plesmanschool grote aandacht. Dit vak wordt gegeven in het handenarbeidlokaal.

De werkstukken worden vervaardigd van allerlei materialen. Deze werkstukken gaan meestal mee naar huis en worden ook tentoongesteld in de school.

Om een duidelijke doorgaande lijn te kunnen waarborgen gebruiken we in de groepen 3 t/m 8 de methode “Uit de kunst”.

Daar expressievakken “dure vakken” zijn, bekostigen wij een deel van de materialen uit de schoolbijdrage.

5.1.6    Bewegingsonderwijs

In verband met de hygiëne, het voorkomen van voetwratten en met het oog op de veiligheid van de kinderen is het verplicht dat de kinderen tijdens de lessen bewegingsonderwijs gymschoenen dragen. Deze mogen geen zwarte zolen hebben.

Verder gaan de kinderen gekleed in sportkleding. Deze kleding wordt meegenomen in een deugdelijke tas. Het is niet de bedoeling dat de kleding op school blijft hangen tot de volgende les (groep 1 en 2 uitgezonderd). Wij raden de kinderen aan om die dag zo min mogelijk kostbaarheden (ringen, armbanden, etc.) bij zich te hebben.

 

 

Groep 1/2 pietengymles

 

Wie geen gymspullen bij zich heeft in de onderbouw, gymt in zijn/haar ondergoed. In de bovenbouw wordt dan niet gegymd. Indien een leerling om een of andere vaak medische reden niet mee mag gymmen, dient er altijd een briefje mee genomen te worden.

Voor de leerlingen uit groep 1 en 2 gelden de volgende afspraken: de gymspullen worden voorzien van naam in een tas op school in de gymkist gelegd. De gymschoenen bevatten een sluiting van klittenband of elastiek, liever geen veters.

Wij geven een deel van onze lessen volgens het circuitmodel. Dat wil zeggen dat tijdens de les verschillende vormen van bewegen of samenspelen tegelijk in de zaal zijn uitgezet. De kinderen zijn verdeeld in groepjes en gedurende een bepaalde tijd is elk groepje met een bepaald onderdeel bezig. Daarna wordt er van onderdeel gewisseld.

Kinderen van de groepen 5 t/m 8 mogen na afloop van de gymles kort douchen. Zij moeten dan wel zelf een handdoek en badslippers bij zich hebben en er voor zorgen dat zij gelijk met de andere leerlingen van de klas klaar zijn met aankleden. Leerlingen die willen douchen moeten dat aan het begin van de les aangeven bij de leerkracht.

Het rooster voor de gymlessen wordt bekend gemaakt op de eerste schooldag. De dagen dat wij gymmen zijn voor:

  • Groep 1-2: elke dag in de speelzaal (bij slecht weer)
  • Groep 3-8: Volgens rooster 2 keer per week (zie rooster op onze website)

5.1.7    Ontruimingsplan / EHBO

Onze school heeft een ontruimingsplan. Dit plan hangt in iedere groep, zodat de groepsleerkracht precies weet hoe te handelen bij o.a. brand. Wij oefenen, onder leiding van de bedrijfshulpverleners, één keer per jaar in het ontruimen van de school. Wij hebben op school een aantal bedrijfshulpverleners.

Bij ernstige ongelukken bellen wij in principe de ouder(s), die dan met het kind naar de huisarts of het ziekenhuis gaat(n). Is de verwonding zeer ernstig dan gaat iemand anders met het kind naar het ziekenhuis en worden de ouders verzocht daar heen te gaan. De school houdt een verplichte ongevallenregistratie bij.

 

5.2 Organisatie van de zorg voor leerlingen met specifieke behoeften: het zorgteam

 

 

5.2    Organisatie van de zorg voor leerlingen met specifieke behoeften: het zorgteam

5.2.1    Interne begeleiding

Onze school beschikt over 2 intern begeleiders, Mevr. E. Elst en dhr. P. Derks. Zij adviseren de groepsleraren bij het pedagogisch-didactisch handelen in hun groep.

Daarnaast houden zij het LeerlingVolgSysteem actueel. Tevens worden door hen contacten onderhouden met de Schoolbegeleidingsdienst.

Als een leerkracht een hulpvraag heeft over een leerling dan wordt de vraag besproken tijdens het zorguur.

Deze vraag kan zowel verband houden met een leergebied als ook verband houden met het gedrag van een leerling. Ook een leerling die zich versneld ontwikkelt kan aanleiding zijn voor een gesprek.

De centrale vraag blijft: ‘Wat kunnen we doen om de leerling zo goed mogelijk te begeleiden in zijn ontwikkeling?’

Gedurende het zorguur vindt er een gesprek plaats tussen de leerkracht en de interne begeleider. Indien nodig proberen zij de vraag te verhelderen en vervolgens bespreken zij welke mogelijkheden er zijn om een antwoord te geven op de geformuleerde hulpvraag.

Een interne begeleider kan ten aanzien van een leerprobleem een pedagogisch-didactisch onderzoek afnemen om het niveau van de leerling in kaart te brengen en om eventuele hiaten die in het leerproces zijn ontstaan op te sporen.

Als er sprake is van een gedragsprobleem kan er bijvoorbeeld een observatie in de groep plaatsvinden.

Wanneer er een diagnose gesteld is kan er een handelingsplan opgesteld worden. De intern begeleiders helpen de groepsleerkracht bij het opstellen van dit plan.

 

 

 

 

Het plan beschrijft welk onderdeel van het leerproces aandacht vraagt, welke middelen er gebruikt worden en hoeveel tijd het traject in beslag neemt.

Er wordt tevens een evaluatiemoment afgesproken. Tijdens de evaluatie worden het proces en de inhoudelijke resultaten geëvalueerd. De leerkracht laat aan ouders het handelingsplan zien en licht dit toe.

Er bestaat een mogelijkheid om een onderzoek en/of een observatie aan te vragen bij een schoolbegeleidingsdienst. Deze aanvraag komt altijd tot stand na overleg met ouders. Als er een onderzoek door deze dienst heeft plaatsgevonden volgt er een gesprek waarbij ouders, intern begeleider, groepsleerkracht en een medewerker van de schoolbegeleidingsdienst aanwezig zijn. Zowel de ouders als de school krijgen hiervan een verslag.

5.2.2    Remedial teaching

Remedial teaching is bedoeld voor leerlingen met een leerprobleem die door middel van intensieve begeleiding een extra steun in de rug krijgen.

Door individuele aandacht kan aangesloten worden bij het ontwikkelingsniveau van het kind. Remedial teaching kan gegeven worden aan leerlingen uit alle groepen. De meeste leerlingen die voor remedial teaching in aanmerking komen worden begeleid op het gebied van lezen, spelling of rekenen.

Leerlingen uit de groepen 2 en 3 kunnen begeleid worden op het gebied van sociale vaardigheden.

De remedial teacher informeert de interne begeleider, de groepsleerkracht en de ouders over het verloop van het onderwijsleerproces.

Als een remedial teacher 8 à 10 weken aan de hand van een handelingsplan met een leerling gewerkt heeft wordt bekeken of deze vorm van ondersteuning baat heeft gehad. Tevens wordt bekeken of de hulp gecontinueerd wordt of dat de hulp afgebouwd zal gaan worden. Het is echter ook mogelijk dat er een handelingsplan wordt gemaakt dat in de groep wordt uitgevoerd. De interne begeleider voert hierover overleg met de groepsleerkracht.

 

Protocol versnelde ontwikkeling

Voor leerlingen die zich versneld ontwikkelen hebben we een protocol opgesteld. Dit geeft ons mogelijkheden om per kind te kijken welke stappen we kunnen zetten en welke afspraken we kunnen maken om het kind zo goed mogelijk te kunnen begeleiden. Indien een leerling voldoet aan de eisen die het protocol stelt, is het mogelijk met een aangepast programma in de groep verder met moeilijker leerstof te werken. Dit programma wordt telkens na verloop van tijd geëvalueerd. Het is uiteindelijk mogelijk dat een leerling hierdoor een groep kan overslaan.

5.2.3    Leerlinggebonden financiering

Per 1 augustus 2003 heeft er een wijziging opgetreden in de Wet op Expertisecentra van 1998 door een aanvulling met het wetsvoorstel Leerlinggebonden Financiering. Leerlingen en hun ouders, speciale scholen en scholen voor primair en voortgezet onderwijs hebben met deze wet te maken.

Er zijn 4 soorten clusters, met ieder een specifieke deskundigheid die zij hebben in het geven van onderwijs aan kinderen met een bepaalde stoornis of beperking.

De REC’s van een cluster vormen gezamenlijk een landelijk dekkend netwerk. REC’s verzorgen speciaal onderwijs en bieden ambulante begeleiding aan reguliere scholen waar kinderen met een handicap les krijgen. Sommige leerlingen van onze school krijgen deze vorm van ambulante begeleiding.

 

 

Project techniek

 

Overzicht van de indeling in clusters

 

Cluster 1: scholen voor kinderen die blind of slechtziend zijn. Scholen voor meervoudig gehandicapte blinde of slecht- ziende kinderen

 

Cluster 2:scholen voor kinderen die doof of slechthorend zijn, scholen voor meervoudig gehandicapte dove- of slecht -horende kinderen, scholen voor kinderen met ernstige spraak- en /of taalmoeilijk- heden

 

Cluster 3:scholen voor zeer moeilijk lerende kinderen, scholen voor meervoudig gehandicapte zeer moeilijk lerende kinderen, scholen voor langdurig zieke kinderen met somatische problematiek, scholen voor kinderen met een lichamelijke handicap (mytylscholen), scholen voor meervoudig gehandicapte kinderen met een lichamelijke handicap (tyltylscholen)

 

Cluster 4:scholen voor kinderen met ernstige problemen in het gedrag, met ontwikkelingsproblemen en/of psychiatrische problemen. Ook autisme valt meestal onder dit cluster.

Leerlinggebonden financiering geeft ouders meer vrijheid bij een keus die gemaakt kan worden tussen regulier- en speciaal onderwijs. De extra middelen die voor een kind met een handicap nodig zijn om onderwijs te volgen gaan als het ware in een rugzakje mee als het kind op de basisschool blijft. Ouders krijgen de middelen niet zelf in handen. Ze zijn bestemd voor school. Er zal ieder jaar een evaluatiemoment plaatsvinden om te bezien of voortzetting van de huidige situatie nog zinvol is.

Voor meer informatie kunt u contact opnemen met een lid van de directie of met de interne begeleider.

 

5.3 De activiteiten voor de kinderen

5.3.1    Activiteiten in groep 1-2

5.3.1.1 De eerste stappen in de basisschool

In de groepen 1 en 2 willen we de kinderen helpen en stimuleren in hun ontwikkeling.

 

het maken van lampionnen.

De ontwikkelingsgebieden die bij ons centraal staan zijn:

  • De lichamelijke ontwikkeling:

  • grove en fijne motoriek.
  • De creatieve ontwikkeling:
  • o.a. tekenen, knippen, schilderen, boetseren.
  • De muzikale ontwikkeling:
  • liedjes zingen, luisteren naar muziek.
  • De taal- en leesontwikkeling:
  • vertellen, voorlezen, prenten bekijken, versjes leren, poppenkast spelen, toneel spelen.
  • De godsdienstige ontwikkeling:
  • d.m.v. de identiteitslessen.
  • Voorbereidend rekenen:
  • sorteren, begrippen aanleren, tellen.
  • De sociale ontwikkeling:
  • gezelschaps- en kringspelen, het naspelen van verhalen, kringgesprekken.
  • De emotionele ontwikkeling:
  • kringgesprekken, rollenspelen, poppenkast, verwoorden van gevoelens, kanjertraining.
  • Voorbereidend lezen:
  • puzzelen, mozaïek, symbolen leren.

 

Om een goede taalontwikkeling te stimuleren zorgen wij voor een breed taalaanbod. Binnen een thema of rond een prentenboek worden allerlei taalactiviteiten gedaan. We lezen voor, zeggen versjes op, rijmen, leren woorden in lettergrepen verdelen (woorden klappen) en woorden in klanken (woorden hakken), schrijven teksten, stempelen woorden.

Het voorlezen gebeurt regelmatig in de kleine kring zodat de kinderen de tekeningen goed kunnen bekijken en we over het verhaal kunnen praten. Over wie gaat het verhaal? Hoe denk je dat het verhaal verder gaat? Hoe loopt het af? Dat zijn enkele van de vragen die bij het voorlezen aan de orde kunnen komen.

In de groep is een leeskastje. In de laatjes zitten knuffels en materialen die ons helpen bij enkele van de genoemde activiteiten. Jaap Aap helpt bij het rijmen, Liesje Langzaam helpt bij het verdelen in lettergrepen. In een ander laatje zit een magische letterbril waarmee we een bepaalde letter in een tekst kunnen vinden. Op de klanktafel verzamelen we voorwerpen die met een bepaalde klank beginnen zoals allemaal dingen met de S in de sinterklaastijd.

U kunt als ouder een goede bijdrage leveren aan de taal- en luisterontwikkeling van uw kind door iedere dag 10 minuten voor te lezen.

De eerdergenoemde ontwikkelingsgebieden bieden wij in samenhang aan door middel van projecten en thema’s. Daarin wordt gewerkt aan een bepaald onderwerp, bijvoorbeeld verkeer, seizoenen, kleuren, de post, enz.. Als voorbeeld werken we het onderwerp “de winkel” nader uit:

Aan de hand van een verhaal over een winkel wordt het project geïntroduceerd. Met de kinderen houden we een gesprek over de winkel (taalontwikkeling / woordenschat).

Wij maken met z’n allen een winkel (creativiteit) en maken prijskaartjes en geld en we bedenken en schrijven met hulp van de leerkracht een naam. (voorbereidend rekenen en schrijven). Uiteraard wordt er in de winkel gespeeld (sociaal-emotionele ontwikkeling). Wij pakken spullen van de winkel in. Hoe groot moet het papier zijn (meten en rekenen). Met constructiemateriaal wordt een winkeltje gebouwd (oefenen van de motoriek en de ruimtelijke oriëntatie). Ten slotte maken we een mooie tekening van het geheel en zingen er een liedje over (fijne motoriek en muzikale vorming).

De tijd buiten de projecten om wordt besteed aan activiteiten waarin kinderen zelf hun activiteiten kiezen (keuzebord).

5.3.1.2 Overgang van groep 2 naar groep 3

Uw kind mag naar school als het 4 jaar is. De groep waarin de kinderen komen heet groep 1. Groep 2 zijn de kinderen die in de loop van het schooljaar 6 jaar worden.

De kinderen die tussen 1 oktober en 31 december 5 jaar worden, zullen soms ook met groep 2 meedoen als hun ontwikkeling dat vraagt.

Bij de overgang van groep 2 naar groep 3 letten we op werkhouding, sociaal-emotionele ontwikkeling, motoriek en de resultaten van de Cito-toetsen taal voor kleuters en ordenen.

Indien een kind van groep 2 nog niet doorgaat naar groep 3, zal het in principe van groep wisselen.

5.3.1.3 Brengen en halen

De kinderen van groep 1 en 2 mogen door hun ouder(s) of verzorger(s) in de klas gebracht worden. Op deze manier kunnen we onze dag in de groep rustig en op tijd beginnen.

De schoolbel gaat om 8.40 uur voor de groepen 1 en 2. De kinderen gaan dan bij hun groep staan. Ze worden buiten door hun leerkracht opgehaald.

De leerkracht van groep 1 en 2 brengt de groep bij het uitgaan van de school tot het hek. Wanneer u niet zelf in staat bent uw kind op te halen, wilt u dan van te voren aan de leerkracht melden met wie uw kind meegaat.

De ouders verzoeken wij – bij normale weersomstandigheden - buiten het hek te wachten en niet op de speelplaats.

5.3.1.4 Speelgoedmiddag.

In principe is er bij de groepen 1 en 2 elke vrijdagmiddag speelgoedmiddag.

De kinderen kunnen alleen deze middag speelgoed van huis meenemen. Normaal is dat speelgoed voor binnen, maar bij mooi weer kan dit speelgoed ook mee naar buiten. Zet de naam van uw kind wel op het speelgoed. Op de andere dagen is speelgoed van thuis niet toegestaan.

Wij verzoeken u de kinderen geen zwaarden, pistolen, geweren, scherpe dingen en schmink mee te geven.

5.3.1.5 Voorbereidend schrijven

In groep 2 gaan we met de kinderen oefenen in het schrijven. Dit zijn schrijfpatronen, dus nog geen letters en cijfers. We gebruiken hiervoor “Pennenstreken”, een leuke kindgerichte methode. Ook leren wij de juiste schrijfhouding en pengreep aan.

In de groepen 1 tot en met 4 worden oefeningen gedaan die de motoriek en het evenwicht bevorderen.

 

5.3.2    Groep 3

5.3.2.1 Basisvaardigheden (lezen, rekenen, schrijven, taal)

Vanaf groep 3 wordt er begonnen met aanvankelijk (=beginnend) rekenen, lezen en taal. Alle kinderen beginnen op hetzelfde moment met lezen en rekenen.

Bij het leren lezen wordt een vrij strak programma, volgens de methode “Veilig leren lezen “, gevolgd.

De letters worden aangeleerd in de periode september tot en met januari. Daarna moeten de kinderen er zelf mee leren werken.

Kinderen die het tempo niet bij kunnen houden, worden individueel verder geholpen. Met kerstmis kunnen de kinderen vrijwel allemaal lezen.

 

Expressie

Naast deze basisvaardigheden wordt er ook veel aandacht besteed aan expressie (tekenen, handvaardigheid, muziek en spel).


Speelgoedmiddag

Iedere laatste vrijdag van de maand hebben de kinderen uit groep 3 speelgoedmiddag. De kinderen mogen dan zelf speelgoed meenemen, net zoals ze gewend waren in groep 1 en 2.

De leerkracht vertelt in de loop van die week aan de kinderen dat ze deze vrijdag speelgoed mogen meenemen.

 

Zaakvakken

Naast deze basisvaardigheden wordt er ook veel aandacht besteed aan zaakvakken (aardrijkskunde, geschiedenis, verkeer en natuur en techniekonderwijs)

5.3.3    Groep 4 t/m 8

In de groepen 4 tot en met 8 worden de basisvaardigheden verder uitgewerkt.

Op rekengebied worden het getalbegrip en de betekenis van de cijfers verder aangeleerd. In groep 4 worden bijv. de tafels aangeleerd, die in groep 5 geautomatiseerd moeten zijn. Was het rekenen in groep 4 nog veel uit het hoofd, in groep 5 krijgen de kinderen inzicht in het cijferend rekenen, te weten optellen, aftrekken en vermenigvuldigen. In groep 6 komt daar cijferend delen nog bij.

Hoofdrekenen (of wel handig rekenen genoemd) heeft veel aandacht bij het rekenen. Onze rekenmethode, Wereld in Getallen, is een realistische methode, veel rekenproblemen hebben te maken met de alledaagse praktijk. Het rekenen wordt o.a. aangeboden in de vorm van projecttaken. Daarnaast hebben we nog een extra leergang voor groep 5 t/m groep 8 voor redactie rekenen (vraagstukjes). Voor leerlingen die extra stof aan kunnen werken we naast de methode ‘Wereld in Getallen’ met de methode ‘Kien.’

Op het gebied van het taalonderwijs wordt veel aandacht besteed aan woordenschat, spreekvaardigheid en stellen. In “Taal in beeld” wordt hier veel tijd aan geschonken. Uiteraard wordt de spelling van de (werk)woorden niet verwaarloosd. Hiervoor krijgen de kinderen vaste regels aangeleerd.

Het stellen (=het opschrijven van je gedachten in goede zinnen en een logische opbouw) wordt gedaan in het stelschrift en in het eigen verhalenboek. Dit is een plakboek waarin de kinderen hun eigen verhalen schrijven

In groep 4 wordt al een begin gemaakt met grammatica (=ontleden). De kinderen worden vertrouwd gemaakt met korte zin, onderwerp, de tijd waarin de zin staat en de relatie tussen die zaken. Deze kennis wordt verder uitgebouwd tot het ontleden in groep 7 en 8.

In groep 3 hebben de leerlingen leren lezen volgens de methode “Veilig leren lezen”. In de groepen 4 t/m 6 krijgen de leerlingen vier keer per week een half uur voortgezet technisch lezen volgens de methode “Lekker lezen”. Bedoeling is dat de leerlingen zo snel mogelijk goed en foutloos kunnen lezen. Om er voor te zorgen dat de leerlingen op het goede niveau blijven krijgen zij in groep 7 en 8 ook nog een paar keer per week “Lekker lezen”.

In de groep wordt naast klassikaal technisch lezen ook begrijpend lezen gegeven. Begrijpend lezen en later studerend lezen vinden we belangrijke vakken. Zij vormen de basis voor het kunnen volgen van de vakken die vallen onder de term wereldoriëntatie.

In groep 4 krijgen de kinderen van school een vulpen, een Lamy. Met deze vulpen wordt geschreven tijdens hun verdere schooltijd. Het schrijfonderwijs blijft tot en met groep 8 onder de aandacht. In groep 3 wordt begonnen met het aanleren van de letters en cijfers, verbonden schrift licht hellend. Hoe verder het kind komt, hoe meer het een eigen handschrift gaat ontwikkelen. Het uiteindelijke doel is een goed duidelijk leesbaar handschrift te krijgen, met voldoende snelheid.

In groep 7 en 8 krijgen de leerlingen Engels van de groepsleerkracht.

 

Wereldoriëntatie

De wereldoriëntatievakken zijn verkeer, aardrijkskunde, geschiedenis en natuur & techniek. Dat ze hier apart genoemd worden, zegt al dat ze als aparte vakken behandeld worden.

We gebruiken voor deze vakken vrij recente methoden. Excursies of veldonderzoek kunnen deel uitmaken van het lesprogramma.

Speciaal voor verkeer krijgen wij extra hulp van onze verkeersouders. Zij coördineren de praktijkopdrachten voor alle groepen. Voor de groepen 1-2 is er een verkeerssprookje, voor de groepen 3-4 een verkeersspeurtocht, voor de groepen 5-6 fietsvaardig en voor de groepen 7-8 Groot verkeer.

De school is in het bezit van een keurmerk: het verkeersveiligheidslabel van de Haarlemmermeer.

 

Gezamenlijk project

Een keer in de twee/drie jaar hebben we een gezamenlijk project. Bijna alle vakken worden dan ten dienste gesteld van het project. Dit project wordt meestal afgesloten met een tentoonstelling, waarbij iedereen van harte welkom is en kan genieten van de werkstukken van de kinderen.

 

 

 

de verkeersproef

 

 

6 De zorg voor de leerlingen

6.1 De opvang van nieuwe leerlingen

 

6.1    De opvang van nieuwe leerlingen

6.1.1    De plaatsing van een kind op school, als 4 jarige

Wanneer een kind 4 jaar wordt, mag het naar school gaan. Ouders gaan op zoek naar een school; zij bezoeken verschillende scholen en maken tenslotte een keuze.

Na het intakegesprek op de Dr. Plesmanschool krijgen de ouders een inschrijfformulier mee. Wanneer dat op school is ingeleverd, krijgen de ouders een bericht van inschrijving. Het bericht van inschrijving garandeert niet dat uw kind meteen geplaatst is. Daarover ontvangt u apart bericht. Wanneer het kind geplaatst is, ontvangt u twee maanden voordat het kind 4 jaar wordt een bericht in welke groep en bij welke leerkracht uw kind komt. De ouders worden in de gelegenheid gesteld om een kennismakingsafspraak te maken.

De dag waarop het kind 4 jaar wordt, of volgens afspraak zoveel dagen later, komt het kind op school. Wanneer een kind in de laatste maand(en) van het schooljaar jarig is, adviseren wij om na de grote vakantie te komen.

Wij stellen aan de kinderen die zich bij ons als leerling aanmelden wel enkele eisen. Zij moeten zindelijk zijn, zichzelf kunnen uit- en aankleden, op het knopen van veters en dichtmaken van ritsen na; zelfstandig naar het toilet kunnen gaan en hun lunch netjes kunnen opeten.

De kinderen komen in principe meteen de gehele dag. Wanneer dat nog teveel vraagt van het jonge kind, dan kan het kind gedurende een bepaalde tijd alleen de ochtenden komen. De overgang naar hele dagen geschiedt dan geleidelijk.

6.1.2    Verdeling van de 4-jarige leerlingen

Alle kinderen die tussen 1 oktober en 1 oktober van het jaar daarop 4 jaar worden, verdelen wij over de verschillende groepen 1-2.

U mag eventueel een schriftelijke voorkeur voor plaatsing in een bepaalde groep te kennen geven op de brief van de definitieve inschrijving. Deze brief ontvangt u in mei, voorafgaande aan het schooljaar waarin uw kind 4 jaar wordt.

Bij de verdeling houden we rekening met:

  • De groepssamenstelling wat betreft jongens en meisjes.

  • De gelijkmatige groei van de verschillende kleutergroepen.
  • Broertjes en zusjes worden niet bij elkaar in de groep geplaatst.

Omdat we met het bovenstaande rekening houden, zult u begrijpen dat wij niet in alle gevallen de ingediende voorkeuren kunnen inwilligen.

De verdeling is definitief en wordt in principe niet gewijzigd.

6.1.3    Wisselen van school

Wanneer ouders willen wisselen van school gedurende het schooljaar ontraden wij dat ten zeerste.

De directies van de scholen in Badhoevedorp hebben met elkaar afgesproken dat tussentijdse wisselingen naar elkaars scholen in principe niet gehonoreerd worden. Uiteraard kunnen zich altijd situaties voordoen waardoor van deze regel kan en moet worden afgeweken. Maar dat is een grote uitzondering. Wanneer zo’n geval zich voordoet, wordt er intensief overleg tussen de directies van de scholen gepleegd.

Aan het eind van een schooljaar zijn ouders vrij in hun keuze, maar er zijn procedures met betrekking tot de aanname (zie 6.1.4).

Wanneer een kind overstapt naar een andere school, worden de CITO- gegevens aan de nieuwe school doorgegeven. Het betreft alleen de uitslagen van de toetsen. Dit is een onderdeel van het onderwijskundig rapport, dat altijd bij het verlaten van de school aan de nieuwe school wordt toegezonden.

6.1.4    Aanname van kinderen van andere scholen, na verhuizing

Ouders die hun kind of kinderen op onze school wegens verhuizing, of andere redenen aanmelden volgen de volgende procedure:

Er volgt een intakegesprek. Daarin wordt de gang van zaken op de school duidelijk gemaakt. Bij dit gesprek kan naast de directie een leerkracht aanwezig zijn. Het kind wordt voor een ochtend of middag op school uitgenodigd. Tijdens die dag worden er enkele testen afgenomen. Wij willen namelijk te weten komen op welk niveau het kind ongeveer zit.

In principe wordt het kind geplaatst in de groep die overeenkomt met de groep van zijn/haar oude school.

Wij vragen van tevoren aan de “oude” school gegevens van het kind. Ook verwachten wij van deze school een onderwijskundig rapport. Schriften en rapporten zijn voor ons een goede aanvulling om een totaal beeld van het kind te krijgen.

Mochten testen uitwijzen dat het niveau materiaal minder is dan gebruikelijk voor de beoogde groep, dan wordt het kind geplaatst in een lagere groep. De ouders kunnen dan beslissen of zij het met onze beslissing eens zijn of niet.

Gaan de ouders akkoord, dan volgt de definitieve plaatsing op de Dr. Plesmanschool.

.

6.2 Het leerlingvolgsysteem

 

6.2    Het leerlingvolgsysteem

6.2.1    De wijze waarop het dagelijkse werk van kinderen wordt bekeken en beoordeeld en de middelen die worden gebruikt om vorderingen van de leerlingen te verzamelen

Na de opening in de groep wordt er begonnen met de diverse lessen. De leerstof wordt klassikaal aangeboden en vervolgens door de leerlingen verwerkt, waarna het werk klassikaal of individueel wordt nagekeken. In veel gevallen kijkt de leerkracht het werk na, om het in de volgende les te bespreken. In de hoogste groepen kijken de leerlingen ook zelfstandig hun eigen werk of het werk van anderen na.

In de loop van de weken worden er ook proefwerkjes, overhoringen en testjes afgenomen, die vaak methode- afhankelijk zijn. Zij gaan dus over de stof van de afgelopen periode en worden beoordeeld met woorden of cijfers.

Daarnaast gebruiken we ook methode onafhankelijke toetsen. Deze toetsen maken deel uit van ons leerlingvolgsysteem. (LVS). Ze zijn ontwikkeld door het Centraal Instituut voor Toets Ontwikkeling te Arnhem. (CITO). Dit systeem bevat toetsen voor groep 1 tot en met groep 8.

In groep 1 en 2 worden de toetsen “ordenen”(groep 2), “rekenen”(groep 1) en “Taal voor kleuters” afgenomen. Deze toetsen geven, naast de observaties van de leerkracht, een goed beeld van de ontwikkeling van het kind.

Vanaf groep 3 worden de kinderen 2 keer per jaar getoetst. De meeste toetsen worden afgenomen in januari en in juni.

Om de ontwikkeling van de leerlingen te volgen nemen we toetsen af op de volgende vakgebieden: technisch lezen, begrijpend lezen, spelling, rekenen, woordenschat en luisteren. We gebruiken hiervoor Cito-toetsen.

In april maken de leerlingen van groep 7 de Entreetoets. In juni wordt de uitslag meegegeven. De CITO Eindtoets wordt in februari in groep 8 afgenomen. De uitslag van de Eindtoets is ongeveer 5 weken na het maken van de toets bekend.

De scores van alle Cito-toetsen worden door de computer verwerkt. Dit geeft ons een goed beeld van de vorderingen het kind t.o.v. de landelijke standaard. Wij kunnen zien of een kind zich in stijgende lijn ontwikkelt en geen stilstand vertoont.

De uitslag verschaft ons inzicht in de ontwikkeling van ons onderwijs. CITO- resultaten worden meegegeven met het tweede en derde rapport.

We hanteren een leerlingvolgsysteem voor de sociaal-emotionele ontwikkeling.

6.2.2    De verslaggeving over leerlingen door de groepsleerkracht

In de groepen 1 t/m 4 houdt de leerkracht van ieder kind een kinderdagboek bij. Regelmatig wordt hierin geschreven hoe het kind speelt en werkt.

Vanaf groep 3 worden er waarderingen en/of cijfers over de prestaties van de kinderen verzameld.

Deze worden dan op het rapport verwoord in termen van onvoldoende tot en met zeer goed of vanaf groep 5 in cijfers van 3 tot en met 10.

 

 

Groep 4: Ouderhulp bij het lezen

De leerlingen van groep 1 en 2, die voor 1 januari op school zijn, ontvangen 1x per jaar, in de maand mei/juni, een rapport.

Vanaf groep 3 krijgen de leerlingen 3x per jaar een rapport. De laatste keer mag het rapport behouden worden. De kaft van het rapport wordt voorzien van een door de leerling zelf gemaakte tekening, welke door ons wordt geplastificeerd. Het rapport gaat in een plastic insteekhoes mee naar huis.

6.2.3    De wijze waarop wij de ouders informeren over het kind

De ouders krijgen twee keer per jaar de gelegenheid de leerkrachten op de zgn. 10-minutenavonden te spreken. De week voorafgaande aan die gesprekken krijgen de kinderen vanaf groep 3 hun rapport, alsmede de tijd waarop u wordt verwacht, mee naar huis.

Op het 10-minutengesprek vormt dit rapport het uitgangspunt van het gesprek, maar ook andere onderwerpen kunnen ter sprake komen. Als die tijd te kort is, wordt er een vervolgafspraak gemaakt.

Aan het eind van het schooljaar bestaat er voor de ouders van de leerlingen van de groepen 3 t/m 6 een extra mogelijkheid om de leerkrachten te spreken indien blijkt dat het voorlopige rapport (gebaseerd op cito-toetsen, methodegebonden toetsen) minder goed uitvalt dan verwacht. De leerkracht zal in dit geval de ouders uitnodigen. Ouders kunnen ook een gesprek vragen bij leerkracht. Motivatie/ redenen dienen echter duidelijk gericht te zijn op de vorderingen van het kind en staan op de aanvraag.

Uiteraard kunnen ouders indien gewenst de leerkrachten na schooltijd spreken. De leerkrachten kunnen ouders uitnodigen voor een gesprek, wanneer zij dat nodig achten: Een goed contact met de ouders vinden wij zeer belangrijk.

 

6.3 De speciale zorg voor kinderen met specifieke behoeften

 

6.3.1    De groepsbespreking

We houden 2 keer per jaar voor iedere groep een bespreking. Het is een gesprek tussen de groepsleerkracht en de interne begeleider waarbij alle leerlingen van de groep aan bod komen.

Afspraken die gemaakt worden tijdens deze bespreking worden vastgelegd in het leerling-dossier, zodat geen gegevens verloren gaan. Zo kan de volgende leerkracht voortbouwen op de resultaten van het onderzoek uit voorgaande jaren.

De eerste bespreking vindt halverwege het schooljaar plaats. De tweede bespreking vindt plaats aan het eind van het schooljaar. Dit is een bespreking tussen de huidige leerkracht en de nieuwe leerkracht in het kader van de groepsoverdracht. De intern begeleider is aanwezig bij de leerlingen die het afgelopen schooljaar bij haar/hem onder aandacht zijn geweest.

6.3.2. Plaatsing en verwijzing

Het kan gebeuren dat een kind het niet redt op onze school. Wij zullen, in overleg met ouders, het kind dan verwijzen naar een speciale school voor basisonderwijs. Wij moeten daarvoor het kind aanmelden bij de Permanente Commissie Leerlingenzorg (P.C.L.) van het samenwerkingsverband Haarlemmermeer. Deze PCL is ingesteld door de besturen van het Weer Samen Naar School project. (WSNS).

Deze PCL vraagt middels speciale formulieren gegevens over het kind. Ook toetsuitslagen en onderzoekgegevens moeten worden verstrekt. Na ondertekening door directie en ouders gaat het rapport naar de PCL, die binnen 8 weken uitspraak doet. Deze uitspraak is bindend m.b.t. het type onderwijs. De keuze van school is aan de ouders.

Het WSNS-bestuur streeft naar een vermindering van het aantal verwijzingen naar de speciale basisschool. Dat betekent dat wij meer kinderen op school zullen moeten houden en met meer ‘zorgkinderen’ geconfronteerd zullen worden. Daarom is een intern begeleider belangrijk. Hij/zij coördineert de zorg voor onze kinderen en begeleidt leerkrachten bij het uitvoeren van die zorg.

Vanuit het WSNS-traject wordt de school verder financieel ondersteund.

6.3.3    Centrale Intake Speciaal Basisonderwijs Haarlemmermeer

In de praktijk verloopt de verwijzing voor de 4 SBO-scholen van de Haarlemmermeer als volgt:

  • Gelijktijdig met de beschikking voor het SBO ontvangen de ouders een aanmeldingsformulier voor het SBO dat moet worden ingevuld en daarna worden opgestuurd naar de centrale intake SBO Haarlemmermeer.

  • De ouders kunnen wel hun voorkeur aangeven voor een bepaalde school.
  • Wanneer het dossier compleet is en dit binnen is bij de centrale intake wordt de aanmelding op volgorde van binnenkomst ingeschreven en in behandeling genomen.

Eén keer per week vergaderen de 4 directeuren van de SBO- scholen. De aanmeldingen worden tijdens deze vergadering besproken, waarbij de hulpvraag van het kind centraal staat. Deze hulpvraag van het kind en de hulpverleningsmogelijkheden van de diverse SBO- scholen zijn uiteindelijk bepalend voor de plaatsing van het kind. De voorkeur van de ouders komt op de tweede plaats.

Als de PCL een beschikking voor het SBO afgeeft betekent dit dat ouders hun kind aan kunnen melden voor een school voor SBO in de Haarlemmermeer.

Wanneer ouders hun kind aan willen melden op een school in Amsterdam dan moeten zij hun kind opnieuw aanmelden bij de PCL in Amsterdam. Als deze PCL een beschikking geeft kunnen ouders tot aanmelding overgaan.

6.3.4    School Video Interactie Begeleiding (SVIB)

De intern begeleiders van onze school hebben de oriëntatiecursus school video interactie begeleiding gevolgd (SVIB). Het is een begeleidingsmethodiek die helpt om het onderwijs zo goed mogelijk af te stemmen op de leerlingen.

Net zoals bij andere begeleidingstechnieken hanteert de SVIB- er een beroepscode waarin onder andere staat dat de gemaakte opnames niet voor andere doeleinden gebruikt worden. Zo blijven de videobeelden die in de groep gemaakt worden onder het beheer van de SVIB- er en worden niet zonder zijn/haar uitdrukkelijke toestemming en die van de betrokken leraar aan anderen vertoond.

Indien de methodiek wordt ingezet bij specifieke begeleidingsvragen van één of meer leerlingen worden ouders/verzorgers hiervan in kennis gesteld en om wordt om toestemming gevraagd.

 


Pauze: even buiten spelen

6.4 De begeleiding van de kinderen naar het voortgezet onderwijs

 

6.4.1    De voorlichting aan de ouders ten behoeve van de schoolkeuze

In groep 7 wordt de entreetoets (uitgave CITO) afgenomen. Deze toets geeft een duidelijk beeld van de prestaties van het kind op het gebied van rekenen en taal. Voor ons, leerkrachten, geeft de uitslag aan waar wij eventueel in groep 8 nog extra aandacht aan moeten besteden.

De uitslag van de toets wordt in juni aan de leerlingen mee gegeven. Ouders van leerlingen uit groep 7 krijgen n.a.v. de uitslag de gelegenheid om met de leerkracht van hun kind in gesprek te gaan.

In groep 8 wordt in januari het definitieve advies gegeven. Hiermee geven wij aan voor welk schooltype wij denken dat uw kind geschikt is.

Het definitieve advies wordt in overleg met de leerkrachten van groep 7 en 8, de intern Begeleider en de directie genomen. De CITO-uitslag is meestal een bevestiging van het advies dat wij gegeven hebben.

Met de uitslag van de Cito-toets en het advies van de school, kunt u uw kind aanmelden bij het voortgezet onderwijs. (lees verder op bladzijde 29)

Elk jaar in de maand november wordt er door de school een voorlichtingsavond voor de ouders van groep 8 georganiseerd. Enkele brugklascoördinatoren zijn dan aanwezig om u een korte uitleg te geven van hun school en uw vragen te beantwoorden.

Tenslotte brengt groep 8 enkele bezoeken aan scholen van voortgezet onderwijs te Amsterdam, Hoofddorp en/of Amstelveen. Ouders kunnen desgevraagd mee. Deze bezoeken vallen buiten de zogenaamde open dagen en informatieavonden. Kijk op veel scholen rond en vergelijk ze met elkaar. Ook ouders van oud-leerlingen kunnen u veel over het voortgezet onderwijs vertellen.

De leerlingen krijgen op school nog een boekje “keuze naar het voortgezet onderwijs”, dat veel en goede informatie geeft over het voortgezet onderwijs.

6.4.2    Soort gegevens die over de leerlingen worden verzameld, de wijze van adviseren en de procedure die gevolgd wordt.

De ouders melden hun kind aan op de school van hun keuze. Zij geven daar het advies van de basisschool af. De basisschool wordt later verzocht de CITO- gegevens en informatie over de leer- en gedragprestaties te geven.

In de maand mei horen de ouders definitief of hun kind is aangenomen. Dan volgen meestal kennismakingsmiddagen. De leerlingen krijgen hiervoor uiteraard verlof.

In een enkel geval willen wij over extra informatie beschikken bij ons advies over de vorm van voortgezet onderwijs. Wij kunnen dan in overleg met de ouders het kind de zogenaamde SKO- test, door de SBD, laten afnemen. Deze test geeft informatie over de Intelligentie, Schoolvorderingen en de Interesses van het kind. Het geheel wordt met een duidelijk advies samengevat in een verslag en door een medewerker(ster) van de SBD samen met de ouders besproken.

Nadat de leerlingen onze school hebben verlaten kan er na enkele maanden een gesprek tussen de groepsleerkracht en directeur van de Dr. Plesmanschool enerzijds en de brugklascoördinator van de school van voortgezet onderwijs anderzijds plaatsvinden.

 

6.5 Naschoolse activiteiten voor de kinderen

 

6.5.1    Huiswerk

In alle groepen krijgen de kinderen wel eens opdrachten om van thuis iets mee te brengen. Maar vanaf groep 6 krijgen de leerlingen ook huiswerkopdrachten mee. Die kunnen bestaan uit een taallesje, een rekenwerkje maken, aardrijkskunde, biologie of geschiedenis leren.

Ook een boekbespreking, een werkstuk maken of een spreekbeurt voorbereiden vallen onder de noemer huiswerk.

Het huiswerk wordt in de groepen op het bord genoteerd.

In de groepen 7 en 8 is een agenda noodzakelijk.

In de groepen wordt verteld hoe je huiswerk maken en leren moet aanpakken.

6.5.2    Andere activiteiten na schooltijd

Soms zijn kinderen door ziekte of familieomstandigheden wat achter geraakt. Na schooltijd kunnen zij dan het een en ander inhalen. Dit gaat in overleg met de ouders.

Ook kunnen kinderen wel eens langer nablijven omdat ze klassenbeurt hebben. Hierbij moet u denken aan het schoonmaken van het bord, het aanvegen van de klas en het verzorgen van de plantjes.

Moet een kind langer blijven zonder dat de ouders dit weten, dan mogen zij hun ouders opbellen, zodat die op de hoogte zijn en niet ongerust hoeven te zijn.

 

 

Plesman-meisjes kampioen van Amsterdam 2008

6.5.3    Buitenschoolse activiteiten

Gedurende het schooljaar worden verschillende buitenschoolse activiteiten georganiseerd. De organisatie berust vaak bij een sportvereniging. Onze oudervereniging begeleidt de kinderen tijdens de diverse toernooien.

Kinderen en soms ouders kunnen zich via de school inschrijven. Als voorbeeld nemen we hier de avondvierdaagse. Middels een brief wordt u op de hoogte gesteld van de voorwaarden, de kosten en de tijden van de start. Ouders blijven die avonden ook verantwoordelijk voor hun kinderen. De leerkrachten zijn per toerbeurt aanwezig.

Bij andere buitenschoolse activiteiten moeten de kinderen zich middels een getekend briefje door de ouders, waarin zij verklaren dat zij akkoord gaan met de deelname van hun kind(eren), opgeven. (voor verzekeringen zie 11.5)

6.5.4    Leerplicht

In de wet op het basisonderwijs wordt voorgeschreven dat kinderen leerplichtig zijn als zij 5 jaar geworden zijn. Zij zullen dan de basisschool moeten bezoeken.

In de wet staat het volgende: “De verplichting om te zorgen dat een minderjarige als leerling van een school is ingeschreven begint op de eerste schooldag van een maand volgende op die waarin de minderjarige de leeftijd van vijf jaar bereikt.”

Kinderen mogen al naar school vanaf de dag dat zij 4 jaar zijn.

 

6.6 Onderwijs aan langdurig zieke kinderen.

Ziekte van leerlingen kan ook stagnatie in het leerproces tot gevolg hebben. Sinds 1 augustus 1999 moet volgens de wet iedere school onderwijs aan zieke leerlingen verzorgen. We praten hier over leerlingen die voor enige tijd ziek zijn of leerlingen die chronisch ziek zijn. Deze leerlingen kunnen door herhaalde afwezigheid het onderwijs niet regelmatig volgen.

De school zal met de ouders overleggen over de te bieden hulp. In overleg met de school kan besloten worden de hulp in te roepen van de consulent onderwijs aan zieke leerlingen van de SBD. Deze kan ondersteuning geven aan ouders, leerkrachten, het team en de leerling. Ook bij algemene vragen over ziekte en school kan de consulent geraadpleegd worden.

Nadere informatie: Ondersteuning SBD-AM, tel 023 – 5679800, consulent onderwijs zieke leerlingen. (zie ook www.Ziezon.nl).

 

7 Algemene zaken

7.1 Aanbod GGD Jeugdgezondheidszorg basisonderwijs

7.1.1    Onderzoek op school door de jeugdgezondheidszorg

De taak van de Jeugdgezondheidszorg is het begeleiden van de gezondheid, groei en ontwikkeling van uw kind. U als ouder kunt vragen stellen over onder andere gezondheid, groei, opvoeding, gedrag, eten, slapen, bedplassen, leerproblemen en sport. Deze vragen kunt u op elk moment aan ons stellen, zowel telefonisch als tijdens preventieve gezondheidsonderzoeken (telefoonnummer 0900-0400682).

Kinderen worden op vaste contactmomenten, zoals is vastgelegd in het landelijke basistakenpakket van de JGZ, gevolgd. Deze contactmomenten zijn 5-jarigen, leerlingen uit groep 7 van het basis onderwijs en leerlingen uit klas 2 van het Voortgezet onderwijs.

Bij alle 5-jarigen en leerlingen uit groep 7 worden de lengte en gewicht gemeten en de ogen onderzocht. Bij de 5-jarigen wordt ook het gehoor onderzocht. De ouders van deze leerlingen wordt gevraagd een gezondheidsvragenlijst in te vullen.

De leerkracht vult van desbetreffende leerlingen een vragenlijst in over motoriek, spraaktaalontwikkeling en gedrag op school. De leerkracht zal alleen die gegevens invullen die bij u als ouder bekend zijn.

De jeugdarts of jeugdverpleegkundige voert aan de hand van de onderzoeksresultaten, de ingevulde vragenlijst van de ouders en de vragenlijst ingevuld door de leerkracht een gesprek met de leerkracht.

Eventueel worden kinderen met hun ouders uitgenodigd voor een onderzoek op de GGD locatie door de jeugdarts of jeugdverpleegkundige.

7.1.2    Zorgoverleg

Vier keer per jaar vindt er op alle scholen in de Haarlemmermeer overleg plaats tussen de intern begeleider, jeugdverpleegkundige van GGD Kennemerland en de onderwijshulpverlener. Het doel van dit overleg is vroegtijdig signalering en aanpak van problemen bij leerlingen. Alle leerlingen waar zorgen over zijn kunnen ter consultatie tijdens dit overleg worden ingebracht. Indien er vervolgstappen nodig zijn worden de ouders daarvan vanzelfsprekend op de hoogte gebracht. Ook leerlingen die net een schoolwisseling achter de rug hebben worden in het zorgoverleg besproken. Als u als ouder hier bezwaar tegen hebt, kunt u dit kenbaar maken bij de schoolleiding of bij de Interne begeleiders

7.1.3    Meer informatie?

www.ggd-am.nl

jgz@ggd-am.nl

GGD Amstelland- de Meerlanden

Afdeling Jeugdgezondheidszorg

Vestiging Amstelveen: 020-6562360

Vestiging Hoofddorp: 023-5625575

Afsprakenbureau Jeugdgezondheidszorg: 0900-040.0682

Onderzoek op school door de jeugdgezondheidszorg

7.2 Regels

In een gemeenschap zoals de school zijn regels nodig. Niet om elkaar dwars te zitten, maar om elkaar te helpen en te steunen. We maken afspraken met elkaar om alles zo goed mogelijk te laten verlopen.

De meeste regels zijn normale regels die thuis ook gelden, soms zijn ze specifiek voor de school. Wij hebben de belangrijkste regels hieronder vermeld.

  • Niet rennen in de school
  • Jassen en tassen netjes ophangen.
  • Niet noodzakelijke dingen zoals spuitbussen, snoep, MP3 spelers en andere muziekapparaten worden thuis gelaten. Ook vuurwerk en messen vallen onder deze regel.
  • Mobiele telefoons worden, indien ze mee naar school moeten worden genomen, uitgezet op het schoolplein en daarna ingeleverd bij de leerkracht. Gebruik van deze telefoons is ook niet in de pauze toegestaan.
  • Na gebruik van het toilet de handen wassen.
  • We spreken beleefd tegen de leerkrachten, de ouders en tegen elkaar.
  • De leerkrachten worden t/m groep 4 met juf/meester en voornaam aangesproken, vanaf groep 5 worden de leerkrachten met juf/meester en achternaam aangesproken.
  • Tegen elkaar schreeuwen, elkaar pesten of pijn doen moeten we voorkomen.
  • Voor schooltijd mag er i.v.m. de veiligheid van alle kinderen en ouders op alle pleinen niet met ballen worden gespeeld.

We hopen zo de onderlinge sfeer goed te houden en waar kan te verbeteren, want een kind moet met plezier naar school kunnen gaan.

De specifieke klassenregels worden in het begin van het schooljaar aan de kinderen medegedeeld en regelmatig herhaald.

 

7.3 Eten en drinken

Tijdens de ochtendpauze mag er door de kinderen iets gegeten en gedronken worden. Dit laatste geeft meestal geen problemen. Er zijn allerlei soorten melkproducten, drankjes en limonades te verkrijgen. Wat ze mogen eten ligt wat moeilijker.

Wij vinden een boterham, een plakje ontbijtkoek, een soort (verpakte) liga/ sultana, enkele crackers of een stuk fruit geen enkel bezwaar. Dat zijn gezonde tussendoortjes. Wilt u het drinken zoveel mogelijk in eigen bekers meegeven. Dat scheelt ons enorm in het dagelijks afval.

Snoep, cake, taart, chocolade, allerlei soorten koekjes, chips en andere zoetigheid vinden wij niet goed voor de gezondheid van het kind. Wij verzoeken u dringend dit soort tussendoortjes niet aan uw kind mee te geven.

7.4 Trakteren

Wanneer een kind jarig is, mag het op school trakteren. Gelukkig zien we daarin een gezonde ontwikkeling. Eén leuke traktatie doet vaak meer dan een heel grote hoeveelheid. We hopen dat wij deze ontwikkeling zo kunnen houden.

De traktatie moet aan de volgende regels voldoen:

  • Het moet eetbaar zijn. (b.v. geen pennen, sleutelhangers of iets dergelijks)
  • Bescheiden van hoeveelheid (b.v. geen grote zakken chips)
  • Bij voorkeur “gezond”

Wij hebben voor het uitdelen in de andere groepen de volgende afspraak gemaakt: de jarige mag uitdelen in zijn eigen groep en bij de juf of meester die één jaar onder en één jaar boven zijn/haar eigen groep zit èn in hetzelfde gebouw zit.

Ook mogen kinderen even langskomen bij de vakleerkrachten, de i.b.-ers en de directie.

7.5 Rookverbod

Op alle ASKO- scholen geldt een algeheel rookverbod, dat wil zeggen dat in het gebouw en op de speelplaatsen niet gerookt mag worden. Dit geldt voor alle dagen van de week en voor iedereen.

 


Groep 1/2: eten en drinken…

8 De leerkrachten

8.1 Wijze van vervanging bij verlof

Leerkrachten hebben volgens de CAO recht op compensatie- en/of BAPO- verlof. Een vaste leerkracht vervangt hem of haar op die dagen.

8.2 Opvang van de leerlingen bij ziekte

Wanneer een leerkracht afwezig is wegens ziekte of om andere redenen, proberen we intern de zaak op te lossen. Meestal kunnen we een beroep doen op onze parttime collega’s. Dat zijn groepsleerkrachten of onderwijsassistenten[1]. Een onderwijsassistent werkt onder de verantwoordelijkheid van directieleden of groepsleerkrachten. Het kan voorkomen, dat een onderwijsassistent enkele dagen zelfstandig een groep leidt. Is de ziekte van langere duur dan wordt via het schoolbestuur of het arbeidsbureau een vervanger(ster) gezocht. Indien het niet lukt een vervanger te vinden, dan wordt De Zoete Inval ingeschakeld. Deze organisatie werkt met speciaal opgeleide kunstenaars die van een dagdeel tot enkele dagen, de klas een creatief programma biedt. U krijgt daarvan van te voren bericht over.

Bij hoge uitzondering krijgt een groep vrij. Mocht dat gebeuren, dan worden de ouders van tevoren – als dat mogelijk is – ingelicht. Meestal is dat op korte termijn. Kinderen die niet thuis kunnen blijven, worden dan op school opgevangen.

Binnen de ASKO- scholen zijn daarover de volgende afspraken gemaakt:

  • Het is niet wenselijk dat de directie voor de klas gaat staan op dagen dat zij ambulant is om andere taken ten behoeve van de school te doen.
  • Ook is het niet gewenst dat personeels-leden met speciale taken, zoals IB’er, ICT -coördinator en remedial teacher, een groep overnemen op de dagen dat zij zijn vrijgeroosterd ten behoeve van deze speciale taken.
  • Het verdelen van kinderen over andere groepen kan incidenteel en voor een hele korte periode een oplossing zijn. Maar regelmatig en voor langere periode is niet gewenst. Ook dit weer om overbelasting te voorkomen en de kwaliteit van het onderwijs te garanderen.
  • Een groep naar huis sturen kan en mag alleen onder strenge voorwaarden plaats vinden.

Dat dit laatste ook geen goede oplossing is, zullen we niet ontkennen.

Wanneer de schoolleiding uiteindelijk besluit om een groep naar huis te sturen, zal dit minimaal een dag van tevoren met een brief aan de ouders worden medegedeeld. Hierbij wordt melding gemaakt dat bij onoverkomelijke problemen leerlingen altijd op school zullen worden opgevangen. Er wordt gestreefd de leerlingen niet langer dan een dag naar huis te sturen. Duurt de ziekte enkele dagen, dan zal een andere groep van een niet zieke leerkracht één dag niet naar school kunnen.

Op de Dr. Plesmanschool hebben we afgesproken dat in principe de leerlingen de 1e dag op school worden opgevangen. Indien er geen vervanging voor de volgende dag is, krijgen de leerlingen die dag vrij.


[1]onderwijsassistenten hebben een afgeronde opleiding sociaal- pedagogisch werk op niveau 4 of bezitten een relevant diploma op HBO – niveau.

 

8.3 Stagiaires

In een groep kan een stagiaire of een leraar in opleiding (LIO’er) aanwezig zijn. Deze toekomstige leerkrachten komen van de Pedagogische Academie voor het Basis Onderwijs (=PABO). De eindverantwoordelijkheid van de groep blijft altijd bij de groepsleerkracht. Soms kunnen de stagiaires ingezet worden voor extra hulp in een groep, maar zij zullen nooit een eigen groep zelfstandig leiden.

LIO–ers (bijna afgestudeerden)mogen wel een groep zelfstandig leiden. Zij worden dan gecoacht door een groepsleerkracht of directielid.

8.4 Scholing van leerkrachten

De leerkrachten stellen zich regelmatig op de hoogte van de ontwikkelingen in het onderwijs. Zij volgen daarvoor cursussen, die meestal op woensdagmiddag of na schooltijd gegeven worden.

Deze cursussen hebben tot doel bij te blijven in ons vak; nieuwe zaken onder de knie te krijgen, bijvoorbeeld Informatie en Communicatie Technologie (ICT), Video–Interactie, dyslexie, begeleiding of het uitzoeken van nieuwe didactische materialen.

De cursussen worden verzorgd door de Schoolbegeleidingsdienst (SBD) of door Hogescholen.

9 De ouders

9.1 Het belang van de betrokkenheid van de ouders.

Samen werken wij aan de opvoeding van de kinderen. Het is dus van groot belang dat de ouders en de leerkrachten zoveel mogelijk op één lijn zitten. Wij verwachten dan ook van de ouders dat zij onze visie onderschrijven. Zo wordt er minstens één keer per dag gebeden, meestal voor het eten.

De ouders dienen ervoor te zorgen dat de kinderen op tijd op school zijn. Wij willen graag op tijd met onze lessen beginnen, maar ook op tijd eindigen. Dat laatste wil niet zeggen, dat de kinderen meteen bij het hek staan. Jassen aantrekken, spullen bij elkaar zoeken en naar de uitgang lopen kosten even tijd.

Soms hebben kinderen klassenbeurt of moeten ze even nablijven. Ook dat hoort bij de organisatie van de klas en dan komen ze iets later naar buiten. Wij vragen daarvoor begrip.

Ouders worden ook gevraagd om te helpen bij activiteiten, bijvoorbeeld wanneer een groep naar de bibliotheek gaat. De eindverantwoordelijkheid blijft altijd liggen bij de groepsleerkracht of de directie van de school. Iedere groep heft minstens één overblijfcoördinator.

9.2 Informatievoorziening aan de ouders

De ouders worden twee/drie keer per jaar uitgenodigd voor een 10-minutengesprek. Tijdens deze gesprekken praten we over het eigen kind (zie 6.2.3).

Daarnaast hebben wij nog de jaarvergadering van de oudervereniging en de algemene informatieavond. Bij deze gelegenheden praten wij over algemene zaken aangaande de school en de groepsactiviteiten. Uiteraard kunt u als ouders of verzorgers altijd een afspraak met de leerkracht na schooltijd of ( telefonisch) met de directie maken.

Middels onze nieuwsbrief “het Plesmanjournaal” houden wij de ouders op de hoogte van zaken die van belang zijn voor de kinderen en/of de school. Alle relevante informatie kunt u ook vinden op onze website:  www.Plesmanschool.nl.

Wij proberen zoveel mogelijk informatie (brieven en nieuwsbrieven) per e-mail te sturen. Op deze manier leveren ook wij een bijdrage aan een beter milieu.

9.3 Activiteiten en werkgroepen waaraan ouders deelnemen

Ouders werken mee aan diverse activiteiten, soms in werkgroepen.

Wij kunnen o.a. hulp vragen bij:

  • Luizencontrole
  • sportdag
  • toernooien
  • medezeggenschapsraad
  • oudervereniging
  • AVI-lezen
  • excursies
  • klussenavond
  • schoonmaakavond
  • musical instuderen
  • avondvierdaagse
  • praktijkexamen verkeer
  • verkeersouders
  • schoolfeest

 

9.4 Schoolse activiteiten

Wij kennen in de school diverse werkgroepen, die vele leuke en gezellige activiteiten organiseren, zoals Sinterklaas, kerstfeest, sportdag, afscheid groep 8 en avondvierdaagse. De leiding en organisatie ligt in principe bij enkele leden van de oudervereniging en enkele leerkrachten.

De kosten worden door de oudervereniging begroot en tijdens de jaarvergadering wordt de ouderbijdrage vastgesteld.

 


Goede doelen: schaatsen voor water

9.5 Overblijfmogelijkheden

9.5.1    De middagpauze

De leerlingen verblijven iedere dag van 8.45 uur tot 15.00 uur (‘s woensdags tot 12.00 resp. 12.15 uur) op school. Tussen de middag eten de kinderen hun lunch op in hun eigen lokaal onder leiding van 2 ouders.

9.5.2    Tussenschoolse Opvang

Alle kinderen blijven tussen de middag over op school. De Tussen schoolse Opvang (TSO) is bij ons op school als volgt geregeld:

  • Directie is namens het bestuur verantwoordelijk voor de TSO.
  • Er zijn 4 coördinatoren. Één heeft eindverantwoordelijkheid en verzorgt het contact met de leiding van de school.
  • Ouders zijn verplicht te participeren in het overblijfrooster.
  • Twee overblijfkrachten per groep van 15 tot 30 kinderen.
  • De overblijfbijdrage bedraagt € 20,- per kind per jaar. (Rekening: 11.23.43.945)
  • Elk jaar in september ontvangt u van de coördinator een betalingsverzoek
  • Overblijfkrachten worden geschoold d.m.v. een speciale cursus.
  • Er is een overblijfreglement( zie website)
  • Medezeggenschapsraad, team en directie evalueren de regeling jaarlijks.

 

Zoals gezegd blijven alle kinderen tussen de middag over op school. Het overblijven wordt geregeld door de coördinatoren en voor iedere groep is er minstens één groepsoverblijfcoördinator aangesteld.

Alle ouders/verzorgers zijn verplicht volgens rooster om toezicht te houden tijdens het overblijven. Zij hebben tot taak toezicht te houden tijdens het eten en het buitenspelen.

Onder leiding van twee ouders eten de kinderen hun lunch op. Tijdens de lunch kunnen de kinderen het van thuis meegenomen drankje opdrinken. Wij willen u adviseren gezonde drankjes mee te geven.

De kinderen dekken hun tafel met een kleedje of theedoek. Geen placemats, want die zijn glad en geven daardoor bij het omvallen van een beker nog meer rommel.

Het eten verloopt in een rustige sfeer. De kinderen zitten op hun eigen plaats in het groepslokaal. Na het eten gaan de kinderen samen met de overblijfouder(s) naar buiten.

De leerkrachten gaan in de lunchtijd ook even eten. Tegen het eind van de pauze zijn zij weer aanwezig op de speelplaats of bij slecht weer in de groep. Er kan dan een warme overdracht zijn.

Indien een overblijfouder niet aanwezig kan zijn, moet hij/zij zelf met een andere ouder ruilen. Alleen in noodgevallen contact opnemen met de groepsoverblijfcoördinator van de betreffende groep.

9.5.3    Voor- en naschoolse opvang

De voor- en naschoolse opvang (ook wel Buiten Schoolse Opvang genoemd) door middel van overeenkomsten met de volgende instellingen:

  • Kinderdagverblijven B4KIDS (tel. 071-5163400)
  • Stichting Klein Duimpje (tel.020-6597489)

Op school is verdere informatie van beide aanbieders aanwezig.

B4Kids verzorgt de buitenschoolse opvang op twee locaties nabij de school. Een lokaal in het gebouw van de "Zevensprong" aan de Adelaarstraat 62 en een lokaal "De Sterre" in de Burg. Amersfoordtschool, Roerdompstraat 10. I.v.m. een tekort aan ruimte voor de opvang van onze kinderen, heeft de school i.s.m. B4KIDS op school een ruimte ter beschikking gesteld voor dit schooljaar. Dit speellokaal wordt voor activiteiten na schooltijd gebruikt.

Kinderen kunnen worden opgevangen vanaf 7.30 uur tot ze naar school kunnen. Voorschoolse opvang wordt verzorgd in de "Zevensprong". Na school is er opvang mogelijk tot 18.00 uur. Vakantie opvang behoort tevens tot de mogelijkheden.

Stichting Klein Duimpje verzorgt de buitenschoolse opvang op een locatie aan de Papegaaistraat 4a (achterzijde schoolgebouw, te bereiken via de Adelaarstraat)

Kinderen kunnen worden opgevangen vanaf 7.30 uur tot ze naar school kunnen. Na school is er opvang mogelijk tot 18.00 uur. Vakantie opvang behoort tevens tot de mogelijkheden.
Bovenstaande organisaties zijn door de overheid erkend. De overheid stimuleert de kinderopvang en ouders die gebruik maken van kinderopvang kunnen een kinderopvangtoeslag ontvangen via de belasting. U kunt op de website van de Belastingdienst (www.toeslagen.nl) raadplegen hoeveel de overheid in de kosten van de kinderopvang bijdraagt.

9.6 Voor- en naschoolse opvang

De voor- en naschoolse opvang (ook wel Buiten Schoolse Opvang genoemd) is als volgt geregeld:
De Plesmanschool heeft twee overeenkomsten gesloten met de volgende instellingen:
-Kinderdagverblijven Top Kids (tel. 0413-490010)

-Stichting Klein Duimpje (tel.020-6597489)

Topkids verzorgt de buitenschoolse opvang op twee locaties nabij de school. Een lokaal in het gebouw van de "Zevensprong" aan de Adelaarstraat 62 en een lokaal "De Sterre" in de Burg. Amersfoordtschool, Roerdompstraat 10. I.v.m. een tekort aan ruimte voor de opvang van onze kinderen , heeft de school i.s.m. Topkids op school een ruimte ter beschikking gesteld voor dit schooljaar. Dit speellokaal wordt voor activiteiten na schooltijd gebruikt.

Kinderen kunnen worden opgevangen vanaf 7.30 uur tot ze naar school kunnen. Voorschoolse opvang wordt verzorgd in de "Zevensprong". Na school is er opvang mogelijk tot 18.30 uur. Vakantie opvang behoort tevens tot de mogelijkheden.
Stichting Klein Duimpje verzorgt de buitenschoolse opvang op een locatie aan de Papegaaistraat 4a (achterzijde schoolgebouw, te bereiken via de Adelaarstraat)

Kinderen kunnen worden opgevangen vanaf 7.30 uur tot ze naar school kunnen. Voorschoolse opvang wordt verzorgd in de "Zevensprong". Na school is er opvang mogelijk tot 18.30 uur. Vakantie opvang behoort tevens tot de mogelijkheden.
Op school is verdere informatie van beide aanbieders aanwezig.

Bovenstaande organisaties zijn door de overheid erkend. De overheid stimuleert de  kinderopvang en ouders die gebruik maken van kinderopvang kunnen een kinderopvangtoeslag ontvangen via de belasting. U kunt op de website van de Belastingdienst (www.toeslagen.nl) raadplegen hoeveel de overheid in de kosten van de kinderopvang bijdraagt.

9.7 Klachtenprocedure

Wanneer kinderen, ouders of teamleden klachten hebben over zaken betreffende directie, leerkrachten, ouders en/of kinderen dan raden wij hen aan dit in eerste instantie te bespreken met de desbetreffende persoon. Wordt daar geen oplossing voor gevonden dan kan dit worden besproken met één van de contactpersonen of met de directie. Wanneer u dit nodig acht, kunt u contact opnemen met de vertrouwenspersonen van het bestuur.

9.6.1    De Klachtenprocedure

Hieronder volgt de procedure die gevolgd wordt:

  • Een ieder die deel uitmaakt van de school en wordt geconfronteerd met ongewenst gedrag kan een schriftelijke klacht indienen bij de klachtencommissie, via de contactpersoon van de school.
  • Anonieme klachten worden alleen in uitzonderingsgevallen in behandeling genomen.
  • Na ontvangst van de klacht stelt de commissie het bevoegd gezag, de aangeklaagde en de ouders/verzorgers in kennis van het feit dat zij de klacht onderzoekt.
  • De commissie hoort de klager en aangeklaagde binnen elkaars aanwezigheid, binnen een week nadat de klacht is ingediend bij de commissie.
  • De klager en beklaagde kunnen zich door raadslieden laten bijstaan. Ook kan op verzoek de vertrouwenspersoon aanwezig zijn.
  • De aangeklaagde wordt in de gelegenheid gesteld zich mondeling en/of schriftelijk te verweren.
  • De commissie maakt van het onderzoek een procesverbaal. Dit wordt ter kennis gebracht van bevoegd gezag, aangeklaagde en klager.
  • De commissie draagt zorg voor deugdelijke informatie aan het bevoegd gezag m.b.t. de voortgang van de procedure.
  • Indien de klager de aanklacht intrekt, hetgeen schriftelijk dient te geschieden, wordt dit aan de commissie medegedeeld. De commissie bekijkt of de procedure wordt gestopt of wel zelfstandig wordt voortgezet. Hiervan krijgen de aangeklaagde, de klager en het bevoegd gezag onverwijld bericht. De vertrouwenspersoon kan gehoord worden in deze.
  • De commissie rapporteert binnen een maand schriftelijk aan het bevoegd gezag haar bevindingen, vergezeld van een advies.
  • In het rapport geeft de commissie aan of de klacht gegrond of ongegrond is gebleken. De klager en aangeklaagde ontvangen een afschrift van dit rapport.
  • Het bevoegd gezag handelt conform het advies van de commissie.

 

Het schoolbestuur heeft twee vertrouwenspersonen aangesteld, t.w. :

mevrouw H.S. Klemann-Bekker

Tel: 020-6423253

De heer J.M.C. Simis

Tel: 0299-426484

 

Of via post naar:

ASKO

t.a.v. de vertrouwenspersoon

Postbus 87591

1080 JN Amsterdam

9.6.2    Contactpersonen

Als er problemen zijn, kunnen leraren, ouders en kinderen contact opnemen met de contactpersonen. De contactpersonen zijn Femke Berkhout en Marion Kamperman.

De contactpersonen lossen de problemen niet op maar denken mee met het zoeken naar een oplossing van het probleem.

Dit kan door het maken van een afspraak of middels het ingooien van een briefje in een van de brievenbussen van de contactpersonen. In het hoofdgebouw hangt de brievenbus in het halletje bij de ingang van groep 5. In de dependance hangt de brievenbus in de gang bij de entree van het gebouw.

De contactpersonen maken zich ieder jaar bekend in de klassen. Contactpersonen worden regelmatig bijgeschoold om deze belangrijke taak goed uit te kunnen oefenen.

 


handvaardigheid

9.8 Ouderbijdrage

Alle ouders betalen voor hun kinderen een vrijwillige ouderbijdrage en zijn dan lid van de oudervereniging. De hoogte van de bijdrage wordt vastgesteld op de jaarvergadering van de oudervereniging. Deze bijdrage is voor het schooljaar 2011-2012 vastgesteld op € 50,00 per leerling (Raborekening: 359683193 t.n.v. Oudervereniging Plesmanschool). Van dit geld worden allerlei activiteiten, zoals kerst, sinterklaas, schoolreisje, enz. betaald.

Voor kinderen die na 1 maart, als 4-jarige, bij ons op school komen hoeft geen ouderbijdrage betaald te worden.

De ouders van groep 8 betalen een extra bedrag voor het schoolverlaterskamp van hun zoon of dochter. Dit bedrag ligt meestal rond de € 65,00. Dit laatste onder voorbehoud van gestegen kosten. Hiervan worden de kosten van het schoolverlaterskamp betaald.

Tenslotte vragen wij de ouders een vrijwillige schoolbijdrage van € 45,00 per gezin. Niet alle uitgaven die wij willen en kunnen doen, kunnen wij uit de financiering van het ministerie betalen. Vandaar deze bijdrage.

Wij kopen daarvoor o.a. nieuwe software voor de computers, leesboeken voor de groepen en het niveaulezen, handvaardigheidmaterialen, buitenspelmateriaal. Maar ook extra uitgaven i.v.m. leermiddelen betalen wij uit deze bijdrage.

De medezeggenschapsraad houdt kascontrole op deze uitgaven en u krijgt in de info regelmatig een overzicht van de bestedingen. We noemen dit de schoolbijdrage.

De betaling van de ouderbijdrage en de schoolbijdrage gaat via een automatische incasso. Formulieren hiervoor krijgt u via de penningmeester van de ouderraad of de administratie van de school. Over een betalingsregeling kunt u zich altijd wenden tot de directeur.

9.9 Speelgoed en dergelijke

Wanneer de kinderen op school komen hebben ze regelmatig zakken vol met allerlei speelgoed, ruilobjecten e.d.. Wij raden u aan deze spulletjes zoveel mogelijk weer mee naar huis te nemen of nog liever in overleg met uw kind deze dingen thuis te laten.

Op vrijdagmiddag is de speelgoedmiddag voor de groepen 1 en 2, eens in de zoveel weken is dat voor groep 3. Dan mogen die kinderen ’s morgens speelgoed meenemen om er ’s middags mee te spelen. De andere groepen hebben dat niet, vandaar het bovenstaand advies.

9.10 Verboden

Wij hebben een verbod op het dragen van petten en andere soorten hoofddeksels in de school.

Ook geldt een meeneemverbod voor geluidsdragers en scherpe voorwerpen (zoals messen). Mobiele telefoons mogen wel meegenomen worden maar moeten tussen 8.40 uur en 15.00 uur uit staan. De leerkracht bewaart de mobiele telefoons onder schooltijd. Buiten deze tijden mogen de telefoons buiten het schoolplein gebruikt worden.

Mobiele telefoons kunnen heel goed zijn voor zakelijke doeleinden of in geval van nood. Op onze school kan in geval van nood gebeld worden via de leerkracht, de administratie of de directie. Wij willen graag weten wie er gebeld wordt.

10 Ontwikkeling van het onderwijs in de school

10.1 Activiteiten ter verbetering van het onderwijs in de school

 

Het afgelopen schooljaar hebben wij de rekenleerlijnen in de groepen 1-2 afgeschreven en geïntroduceerd. In maart zijn wij gestart met de nieuwe methode “Lekker Lezen” voor de groepen 4 t/m 6. Dit schooljaar zullen wij de methode verder gaan invoeren. Met mehulp van deze methode willen wij het leesonderwijs naar een hoger niveau brengen.

Dit schooljaar starten wij ook met de nieuwe taalmethode “Taal in beeld”. Deze methode is voor de groepen 4 t/m 8.

In het vernieuwde gebouw hebben wij in de groepen 3 t/m 8 digitale schoolborden. De leerkrachten zijn aan het begin van het schooljaar geschoold om met deze borden te werken. In de loop van het jaar worden zij verder geschoold om ook met de software van de verschillende vakken te kunnen werken. Voor de groepen 1-2 is er nog onvoldoende software beschikbaar om zo’n (dure) investering te doen. De leerkrachten zullen in de loop van het schooljaar worden geschoold.

In het nieuwe schooljaar gaat het team zich ook verder ontwikkelen in het “Handelings gericht werken”. Wij starten op het gebied van technisch lezen. De klassen zullen zoveel mogelijk in drie verschillende niveaugroepen worden ingedeeld. Voor deze groepen zullen o.a. groepshandelingsplannen worden geschreven. In de komende jaren gaan wij ook zo werken tijdens spelling, rekenen en begrijpend lezen.

 

 

10.2 Samenwerking met welzijnsinstellingen.

We hebben een goed contact met de scholen in Badhoevedorp, de bibliotheek, de peuterspeelzalen, het dorpshuis, de kerk, sportverenigingen, bank, gemeente, enz.

Regelmatig zijn er besprekingen waarbij actuele zaken worden besproken. Ook maken we gebruik van hun aanbiedingen, zoals een bezoek aan de bibliotheek, de kinderboerderij, of iets dergelijks.

11 De resultaten van het onderwijs

We gebruiken een leerlingvolgsysteem vanaf groep 1. Gedurende de jaren dat de leerling op school zit worden de gegevens opgeslagen in het leerling-dossier. Daarna worden ze de wettelijke termijn van 5 jaar bewaard in het archief.

Wanneer een kind overstapt naar een andere school, worden de CITO- gegevens aan de nieuwe school doorgegeven. Het betreft alleen de uitslagen van de toetsen. Dit is een onderdeel van het onderwijskundig rapport, dat altijd bij het verlaten van de school aan de nieuwe school wordt toegezonden. (Zie ook 6.1.3.)

Wat doen we met die gegevens?

Zij zijn voor ons een graadmeter. Zij verschaffen ons inzicht in wat een kind wel of niet beheerst en of wij eventueel actie moeten ondernemen. Dit kan ook gelden voor de hele groep. Ook geeft het ons inzicht of wij qua schoolniveau op de goede hoogte zitten. Zo niet dan kunnen wij dat bijsturen; zo ja, dan kan het zo blijven. (zie ook 6.2)

 

 

De cito-uitslagen schoolscore Dr. Plesmanschool.

 

 

2004-2005                  538,1

  2005-2006                  540,7

  2006-2007                  538,3

  2007-2008                  538,6

 

2008-2009               538.0

2009-2010               539.0

2010-2011               537.9

 

Landelijk gemiddelde: 535

 

Waar zijn de 57 leerlingen van groep 8 aan het einde van het schooljaar 2010-2011 naar toe gegaan?

Keizer Karel College                             Havo                            1 leerling

                                                           Havo/VWO                   4 leerlingen

                                                           VWO                            3 leerlingen

                                                           Technasium                  1 leerling

                                                           Gymnasium                 1 leerling

 

Sweelinck College                                VMBO-T                    6 leerlingen

 

Caland Lyceum                                    VMBO-T                     2 leerlingen

                                                           Havo/VWO                   1 leerling

                                                           Havo/VWO kunst          2 leerlingen

                                                           Technasium                  1 leerling

 

Nicolaas Lyceum                                  Gymnasium                1 leerling

                                                           VWO sport                    2 leerlingen

 

Hervormd Lyceum Zuid                         Havo                          1 leerling

                                                           Havo/VWO                   1 leerling

 

Kaj Munk                                             Vmbo-T/Havo              2 leerlingen

                                                           Havo/VWO                   1 leerling

                                                           VWO                            2 leerlingen

                                                           VWO sience                 1 leerling

 

Amstelveen College                              VMBO-T                    1 leerling

                                                           VMBO-T/Havo              2 leerlingen

                                                           Havo                            4 leerlingen

                                                           Havo/VWO                   3 leerlingen

 

Geert de Groote                                   VMBO-T                     1 leerling

 

Fons Vitae                                           Havo                            1 leerling

                                                           Gymnasium                  1 leerling

 

Amsterdams Lyceum                            VWO                           2 leerlingen

 

Amsterdamse school                            VMBO-T                      1 leerling

 

Wellant College                                    VMBO-T                       1 leerling

 

Haarlem College                                   VMBO-K                      3 leerlingen

 

Spinoza                                               VMBO-T/Havo               1 leerling

 

Nova College                                       VMBO-T                       1 leerling

 

Gerrit v.d.Veen                                     VWO                            1 leerling

 

Ignatius                                               VWO                              1 leerling

 

 

12 School- en vakantietijden

12.1 Schooltijden

Hieronder staan de begin- en eindtijden. Voor schooltijd is er vanaf 8.30 toezicht op de pleinen. Bij regen gaan de deuren voor alle groepen om 8.30 uur open. De leerlingen komen dan zelf naar binnen.

Groepen 1-7

Maandag                                  08.45 – 15.00 uur.

Dinsdag                                   08.45 – 15.00 uur.

Woensdag                               08.45 – 12.00 uur

Donderdag                               08.45 – 15.00 uur.

Vrijdag                                    08.45 – 15.00 uur.

Groep  8

Maandag                                  08.40 – 15.00 uur.

Dinsdag                                   08.40 – 15.00 uur.

Woensdag                               08.40 – 12.15 uur.

Donderdag                               08.40 – 15.00 uur.

Vrijdag                                    08.40 – 15.00 uur

 

De middagpauze is als volgt:

Groep 1 – 5                              12.15 – 13.00 uur.

Groep 6 – 8                              12.00 – 12.45 uur.

 

12.2 Regels voor aanvang en einde schooltijd

De schoolbel gaat om 8.35 uur voor groep 8 en om 8.40 uur voor de groepen 1 t/m 7. De kinderen gaan dan bij hun groep staan. Ze worden buiten door hun leerkracht opgehaald.

De ouders van de kinderen van groep 3 t/m 8 gaan niet mee naar binnen.

12.3 Vakanties en vrije dagen schooljaar 2011-2012

Herfstvakantie                          15 oktober t/m 24 oktober

Kerstvakantie                           24 december t/m 8 januari

Krokusvakantie             24 februari t/m 4 maart

Paasvakantie                            6 april t/m 9 april

Meivakantie                              23 april t/m 7 mei

Hemelvaart                               17 mei t/m 20 mei

Pinksteren                                28 mei

Studiedag                                2 juli

Zomervakantie              21 juli t/m 02 september

 

Extra vrije dagen groepen 1-7:

Vrijdag 25 mei (na A4D)

Woensdag 27 juni t/m vrijdag 29 juni

Vrijdag 25 november en maandag 26 maart

12.4 Verlofregeling

Wanneer een kind ziek is of om een andere reden de school niet kan bezoeken, verzoeken wij u dit voor schooltijd te melden, hetzij mondeling, hetzij schriftelijk (kan ook via de website).

Wanneer wij niets vernomen hebben, bellen wij zelf om te weten waarom uw kind(eren) er niet is (zijn). De leerplichtwet kent geen snipperdagen (bijvoorbeeld om een dag eerder met wintersport te gaan om de files voor te zijn), maar in bepaalde bijzondere omstandigheden kunt u wel extra verlof aanvragen. Als er voor de kinderen verlof aangevraagd wordt, dan dient dat te geschieden middels een vastgesteld formulier, dat u bij de administratie of directeur kunt verkrijgen. Wij hanteren hierbij de landelijke regels.

 

Vakantieverlof

Deze regeling is opgenomen omdat verlof buiten de schoolvakanties steeds meer toeneemt en sancties in het verleden niet veel hielpen. Nu kunt u als ouder, als uw kind ongeoorloofd verzuimt, een boete krijgen van maximaal Î 2268,90 of een maand hechtenis.

Een verzoek om vakantieverlof op grond van art.13a van de leerplichtwet 1969 dient minimaal 2 maanden tevoren bij de directeur van de school te worden voorgelegd en zal altijd in overleg met de leerplichtambtenaar worden gegeven.

Het vakantieverlof kan alleen dan worden verleend, wanneer het gaat om een gezinsvakantie die het gezin niet in de zomervakantie kan opnemen door de specifieke aard van het beroep van (een van) de ouders.

  • Hierbij moet worden gedacht aan seizoensgebonden werkzaamheden in de agrarische sector en de horeca. In dat geval mag de directeur eenmaal per schooljaar het kind vrij geven (voor maximaal 10 schooldagen), zodat het gezin toch op vakantie kan. Het gaat daarbij om de enige gezinsvakantie in dat schooljaar. De verlofperiode mag overigens niet in de eerste twee weken van het schooljaar vallen.
  • De leerling(en) moet(en) na terug komst er voor zorgen dat de gemiste stof wordt ingehaald. Er zal geen extra werk vanuit school worden mee gegeven.

 

Gewichtige omstandigheden 10 schooldagen per schooljaar of minder.

Een verzoek om extra verlof in geval van gewichtige omstandigheden op grond van het gestelde in artikel 14, lid 1 van de Leerplichtwet 1969 voor 10 schooldagen of minder dient vooraf of binnen twee dagen na ontstaan van de verhindering aan de directeur van de school te worden voorgelegd.

Hiervoor gelden de volgende voorwaarden:

  1. voor het voldoen aan een wettelijke verplichting, voor zover dit niet buiten de lesuren kan geschieden;
  2. Voor verhuizing voor ten hoogste 1 dag;
  3. Voor het bijwonen van het huwelijk van bloed- en aanverwanten t/m de 3degraad voor 1 of ten hoogste 2 dagen, afhankelijk of dit huwelijk wordt gesloten in of buiten de woonplaats van de belanghebbende;
  4. Bij ernstige ziekte van ouders of bloed- of aanverwanten t/m de 3degraad; duur in overleg met de directeur;
  5. Bij overlijden van bloed- of aanverwanten in de 1ste graad voor ten hoogste 4 dagen; van bloed- of aanverwanten in de 2de graad voor ten hoogste 2 dagen; voor bloed- en aanverwanten in de 3degraad voor ten hoogste 1 dag.
  6. Bij 25-, 40- en 50-jarig ambtsjubileum en het 12 ½ -, 25-, 40-, 50- en 60-jarig huwelijksfeest van ouders of grootouders voor 1 dag;
  7. Voor andere naar het oordeel van de directeur belangrijke redenen, maar geen vakantieverlof.

Gewichtige omstandigheden meer dan 10 dagen per schooljaar.

 

Een verzoek om extra verlof ingeval van gewichtige omstandigheden op grond van art. 14. lid 3 van de Leerplichtwet 1969 voor meer dan 10 dagen per schooljaar dient minimaal 1 maand van tevoren via de directeur van de school, bij de leerplichtambtenaar van de woongemeente te worden voorgelegd.

Verlof indien:

  • de ouders een verklaring van een arts of een maatschappelijk werk(st)er kunnen overleggen waaruit blijkt dat een verlof noodzakelijk is op grond van medische of sociale indicatie betreffende één van de gezinsleden;
  • voor andere naar het oordeel van de leerplicht- ambtenaar belangrijke redenen, maar geen vakantieverlof.

12.4 Verzekering

Het schoolbestuur is als bevoegd gezag verzekerd voor alle aansprakelijkheid in de zin van de wet, niet alleen op school tijdens de lesuren, maar ook bij alle schoolactiviteiten, dat wil zeggen tijdens overblijven, schoolreisje, sportdagen, etc. Dit betekent echter niet dat het schoolbestuur zich aansprakelijk acht voor vermissing, schade aan kleding of andere eigendommen van de kinderen c.q. de ouders. Alleen bij grove nalatigheid kan het bestuur in een dergelijk geval aansprakelijk worden gesteld. Toch komt schade aan brillen, kleding of tanden voor. Deze schade is dus niet gedekt bij bovengenoemde verzekering. Deze schade dienen de ouders onderling via hun eigen WA-verzekering te regelen.

Soms vragen wij ouders te rijden tijdens excursies. Uiteraard zijn wij blij met de spontane hulp van uw kant, maar wij willen u er toch op wijzen, dat u dan in het bezit moet zijn van een inzittenden- verzekering voor voldoende personen.

13 Namen en adressen

13.1 Van de school

 

Dr. Plesmanschool

Papegaaistraat 4

1171TK Badhoevedorp

Tel.: 020-449.0761

E-mail: Dr.Plesmanschool@planet.nl

www.Plesmanschool.nl

 

 

13.2 Van het bestuur

 

ASKO: Amsterdamse Stichtingen voor Katholiek Onderwijs.

 

Adres: Kalfjeslaan 380

1081 JA Amsterdam

T 020-3013888

F 020-3013860

Postadres:

Postbus 87591

1080 JN Amsterdam

www.askobk.nl

 

Indien u post wilt versturen naar het schoolbestuur dan dient u dat te doen naar het bestuurskantoor op bovengenoemd adres, t.n.v. de regiomanager, Dhr. J.W. van Schendel

13.3 Van de oudervereniging

De oudervereniging vervult een belangrijke rol in de school. Zij is betrokken bij vele activiteiten zowel binnen als buiten de school. De leden van de O.V. organiseren samen met het team – zij zitten in zogenaamde werkgroepen – diverse festiviteiten, zoals sinterklaas, kerstfeest, sportdag, schoolreisje en andere feesten.

Voorzitter:                                Mevr. C. Fokker

Secretaris:                               Mevr. A. Brockhoff

Penningmeester:                      mevrouw M. Hulsebos

Rabobank:                               359683193

                                                t.n.v. O.V. Plesmanschool

Postadres:                               Papegaaistraat 4*

                                                1171 TK Badhoevedorp

 

… of in de rode bus in de hal van de school.

De vergaderingen van de oudervereniging zijn openbaar.

 

 

Ieder op zijn beurt: voetballen in de pauze

 

13.4 Van de medezeggenschapsraad

De medezeggenschapsraad (MR) is een orgaan waarin  3 ouders  en 3 teamleden  zitting hebben. Zij hebben het recht om het beleid door het bestuur of directie te toetsen aan de wet en de schoolsituatie. Zo zijn zij o.a. betrokken bij het vaststellen van het schoolplan, de schoolgids, het vakantierooster en het aanstellen van leerkrachten.

De vergaderingen zijn in principe openbaar.

Voorzitter:            Dhr. E.J. Langedijk (ouder)

Lid:                       Dhr J. de Jong (ouder)

Lid:                       Dhr. R.J.A. Stouthart (ouder)

Leden team:         Dhr. J. Wertenbroek
                             Mevr. A.van Maanen
 

Postadres:       Papegaaistraat 4

                        1171 TK Badhoevedorp.

13.5 Van externe personen en instanties

13.5.1 Rijksinspectie

 

13.5.1 Rijksinspectie

 

info@owinsp.nl

www.onderwijsinspectie.nl

Vragen over onderwijs:0800-8051

Meldpunt vertrouwensinspecteurs 0900-1113111 (lokaal tarief)

13.5.2  Schoolbegeleidingsdienst Onderwijs Advies

 

Postbus 277

2130 AG Hoofddorp

contactpersoon school:

mevr. A.Troost

tel:  023 – 5100000

13.5.3  Schoolarts

 

Schoolarts: Dhr. R. Ramlakhan

Assistente schoolarts:

mevr. S. Griffioen

 

Verpleegkundige: mevr. A. Diemel

Postbus 98

2130 AB Hoofddorp

tel:  023-5625575

 

13.5.4  Advies meldpunt kindermishandeling

 

020-5711911  van 9.00 u. -13.00 u. en 14.00 u. – 16.00 u.

13.5.5  Naschoolse opvang

 

“ De Zevensprong”

Voor informatie, inschrijvingen etc:

Kinderdagverblijven B4KIDS (tel. 071-5163400)

 Locatievestiging Buiten Schoolse Opvang voor onze school:

"De Zevensprong"

Adelaarstraat 62te Badhoevedorp

 

“Stichting Klein Duimpje”

Papegaaistraat 4A (bij gymzaal het Voortouw)

1171 TK Badhoevedorp

020-6597489

stichtingkleinduimpje@hotmail.com

 

13.5.6 GG en GDAfd. Jeugdgezondheidszorg

 

 

Kennemerland

Afd. Haarlemmermeer

tel:  023 – 7891661

13.6 Lijst van afkortingen

ADV                 Arbeidsduur Verkorting.

ASKO                          Amsterdamse Stichtingen voor Katholiek Onderwijs.

BSO                 Buiten Schoolse Opvang

CITO-LVS         CITO leerlingvolgsysteem.

IB                     Interne begeleiding.

ISI                                Intelligentie test voor Kinderen.

KBO                 Bond voor Katholiek Primair onderwijs

LIO                   Leerkracht in opleiding.

MR                   Medezeggenschapsraad

NKSR               Nederlandse Katholieke Schoolraad

NSO                 Naschoolse opvang

OV                   Oudervereniging.

PCL                 Permanente Commissie Leerlingenzorg.

PABO                          Pedagogische Academie voor Basisonderwijs.

PMT-K              Test voor het meten van de prestatie en motivatie.

RT                    Remedial Teaching

SBD                 School Begeleiding Dienst

TSO                 Tussen Schoolse Opvang

SBO                            Speciale school voor basisonderwijs.

VMBO              Voorbereidend Middelbaar Beroeps Onderwijs

WSNS Weer Samen Naar School.

14 Parkeren

Afspraken:

 

Op de onderstaande plattegrond kunt u zien waar u wel het beste kunt parkeren: bij de P onder het viaduct is speciaal voor de school aangelegd (20 extra parkeerplaatsen), de Rijstvogelstraat (mag ook met 2 wielen op de stoep) en natuurlijk het parkeerterrein aan de Wijnmalenstraat.

 

 

                                                     --------- advertenties --------

 


Gecombineerde tekening van Sem Kempers en Milan Egberts